Dossier Schipdonkkanaal

Dossier Schipdonkkanaal

‘Grote natuurramp in de maak’

Interview met Annemie De Bie, Schepen in Zomergem

‘Als de verbreding van het Schipdonkkanaal er komt, wordt ons dorp in tweeën gespleten’, verklaart Annemie De Bie, schepen in het landelijke Zomergem in Oost-Vlaanderen. Vandaar dat het grootschalige protest tegen de verbreding hier ontstaan is. ‘Als klein kanaaldorpje hebben we misschien weinig in te brengen tegen de machtige lobbygroepen van de haven van Zeebrugge, maar we geven ons niet zomaar gewonnen’, zegt schepen De Bie strijdbaar.

Bijna 40 jaar. Zolang al hangt het dossier boven de hoofden van de Zomergemnaren, als een zwaard van Damocles. Maar bezorgd zijn ze nog steeds, de bewoners van het lieflijke dorp langs het Schipdonkkanaal, bevestigt de schepen van uimtelijke ordening, natuur, mobiliteit, noord-zuidbeleid en leefbaarheid. ‘Bij sommigen overheerst gelatenheid: zij vragen zich af wat zij kunnen doen tegen de komst van de mastodonten? Maar bij vele anderen overheerst toch nog steeds de strijdbaarheid, meer in de trant van no pasaran: ze komen er niet door’.

Als groene schepen zou je toch vóór de verbreding moeten zijn, niet tegen?
‘Begrijp me niet verkeerd. Ik ben absoluut voor een betere ontsluiting van de haven van Zeebrugge. Als er op die manier vrachtwagens van de weg gehaald worden, dan kan ik dat alleen maar toejuichen. Maar de ontsluiting mag niet ten koste van alles gaan. Bovendien zijn er valabele alternatieven (zie onderaan). Voor Zomergem alleen al zou de impact ervan enorm zijn op de leefbaarheid, de waterhuishouding en de mobiliteit. En dan heb ik het alleen nog maar over de lokale gevolgen. Er zijn ook nog andere dorpen bedreigd, zoals Maldegem en Damme’.

Wat zouden de gevolgen dan zijn voor de hele regio?
‘Als het kanaal verbreed wordt en er grote duwvaartschepen van de haven van Zeebrugge naar het binnenland varen, met als einddoel een aansluiting op de internationale verbinding Seine-Schelde, dan zijn de gevolgen desastreus. 187 woningen worden onteigend, andere dalen in waarde. Bomen, weideen watervogels, landbouwgronden, archeologische vindplaatsen en open ruimtes gaan verloren. Ook de horeca- en toerismesector zouden rake klappen krijgen. Op die manier raak je aan de ziel van het Meetjesland’.

Milieuverenigingen vragen zich ook af of er wel voldoende zoet water is om het kanaal te voeden?
‘Terecht. Er is nog steeds geen oplossing voor de sluipende verzilting, en dat zou zeer nadelige gevolgen hebben voor de fauna en flora, de landbouw en de kwaliteit van het grondwater. Bovendien zou er een verhoogd risico zijn op wateroverlast en overstromingen. En in een droge warme zomer dreigt er dan weer onvoldoende water te zijn om het verbrede kanaal te vullen. Reken dat allemaal samen en je komt snel tot de conclusie dat er een grote natuurramp in de maak is, als de verbreding er komt’.

Hoe komt het dat Zomergem zo actief is in de strijd tegen de verbreding?
‘Als bedreigd kanaaldorp volgen wij het dossier natuurlijk al jaren. En met wij bedoel ik alle politieke partijen, want dit dossier overstijgt alle partijgrenzen. Dat is een unicum in het Meetjesland. Bovendien hebben we vrij snel de krachten gebundeld met de actiecomités in de verschillende gemeentes langs het kanaal. Dat maakt dat we een hoorzitting hebben afgedwongen in het Vlaams Parlement, succesvolle Kanaalfeesten hebben georganiseerd… Geloof me, dat doet deugd. Dat je als kleine gemeente toch kan wegen op zo’n dossier’.

Het dossier leeft bij brede lagen van de bevolking. Maar wat verwacht Zomergem precies?
‘Dat de verbreding er nooit komt. Dat er een einde gemaakt wordt aan de onzekerheid die hier al jaren sluimert. Dat de zogeheten ‘reservatiestrook’ – een strook aan elke kant van het kanaal die voorzien is voor de verbreding - na dertig jaar opgeheven wordt. Daardoor zou de rechtszekerheid hersteld worden van de boeren en bewoners langs het kanaal. Je zal er bv. maar een cafetaria uitbaten, investeringen willen doen maar niet weten of je vroeg of laat je boeltje mag sluiten. Dat is nefast’.

En wat is nu de volgende stap?
‘Dit najaar wordt het dossier terug op de tafel van het Vlaams Parlement verwacht. En eind dit jaar wordt het verwachte Milieueffectenrapport getoetst aan de haalbaarheidsstudie. Dat wordt dus afwachten. Maar soms krijgen we steun uit onverwachte hoek. Zo riep Georges Allaert, Hoogleraar ruimtelijke economie en ruimtelijke planning UGent, onlangs nog op tot voorzichtigheid. Allaert, die tevens de promotor was van de thesis van mijn zoon over de verbreding, zei dat er moet rekening gehouden worden met alle aspecten, ook uit de lokale gemeenschappen. En gelijk heeft hij’.


De alternatieven op een rijtje

Voorstanders zeggen: bouw het idyllische Schipdonkkanaal om tot een duwvaartkanaal en ontsluit zo de haven van Zeebrugge beter. Maar net als talloze actiecomités, milieuverenigingen en buurtbewoners zegt Groen! klaar en duidelijk: er zijn genoeg alternatieven voor de verbreding, maak er dan ook gebruik van. Vlaams parlementslid Jef Tavernier zet de belangrijkste uiteen.

Bouw de estuaire vaart of kustvaart verder uit

Sinds deze zomer telt Vlaanderen drie ‘estuaire’ vaartuigen, of vaartuigen die op zee én op de binnenwateren kunnen varen. Deze speciaal omgebouwde boten varen tussen de haven van Zeebrugge en het hinterland, volgeladen met containers, en halen op die manier talrijke vrachtwagens van de weg. Om via de Scheldemonding en een kort zeetraject naar Zeebrugge te kunnen varen, moet een estuair schip bestand zijn tegen golven van 3,50 meter hoog, in soms gure zeeomstandigheden. De romp en de voorsteven zijn daarom steviger en hoger dan bij een gemiddeld binnenschip. Op die manier kunnen ze makkelijker ‘het hoekje ronden’, als je het op kaart bekijkt.
De Deseo, Ambères en Tripoli, de drie schepen, zijn samen goed voor 260.000 TEU (twintigvoetcontainers) per jaar. De Deseo kan 5.500 ton laden, dat komt overeen met 450 TEU-containers of evenveel vrachtwagens. De Tripoli, die deze zomer in de vaart genomen werd, heeft dezelfde capaciteit. De Ambères kan er 250 meenemen.
Volgens het Vlaams Gewest volstaan twaalf tot vijftien estuaire schepen om de haven van Zeebrugge te ontsluiten. Ondertussen blijft de containertrafiek er flink stijgen. In de eerste zes maanden van dit jaar werden meer dan 1 miljoen containers overgeladen in de haven. Jaarlijks worden er meer dan twee miljoen containers verhandeld en verwacht wordt dat dat er tegen 2015 vijf miljoen zullen zijn.

Optimaliseer het vervoer via het spoor

Minstens even belangrijk als de kustvaart is het vervoer per spoor. Met een aantal aanpassingen kan het spoor een groot deel van de groeiende containertrafiek opvangen. Maar zelfs zonder veel investeringen blijft nog veel potentieel onbenut. Bovendien beschikt ons land over een fijnmazig spoorwegnet.
In het meest optimistische scenario is zelfs sprake van 4 miljoen containers per jaar per rijrichting. Dat maakt van de spoorwegen een van de meest duurzame alternatieven. Het spoorvervoer is ecologisch gezien het meest verantwoorde transportmiddel, het minst vervuilende en ook voor gevaarlijke goederen het meest aangewezen.
Tot de beschikbare alternatieven per spoor behoren een nieuw rangeerstation, het wegwerken van de bocht van Ter Doest en het op vier sporen brengen van het volledige traject Brugge-Gent. Verder zou lijn 60 tussen Brugge en Kortrijk meer uren opengesteld kunnen worden voor goederenvervoer. Doe daar bovenop aanvullende investeringen in de optimalisatie van de bestaande spoorlijn Zeebrugge-Brugge-Gent en van het kanaal Brugge-Gent, en de ontsluiting is een feit.
Verwacht wordt dat door de liberalisering het spoorvervoer concurrentieel zal worden met het wegvervoer. Ondertussen heeft het vervoer op de weg verder af te rekenen met stijgende brandstofprijzen, maar ook met strengere Europese regels qua rij- en rusttijden. Door het nakende verkeersinfarct verlaagt de commerciële snelheid en wordt het vervoer op de weg steeds duurder.

Deel Deel