Wat zou jij doen met vijf zwembaden aan kernafval? Verzet je nu tegen geologische berging in ons land

Mag ons land vijf zwembaden aan langdurig stralend en heet kernafval onder de grond steken? Dat is de vraag die NIRAS, dit is de Nationale Instelling voor radioactief afval en verrijkte splijtstoffen, voorlegt aan alle Belgen. Dit is het moment om van je te laten horen!

Momenteel liggen de verbruikte uraniumstaven van de elektriciteitsproductie in ons land gewoon op de kernsites van Doel en Tihange. Het is niet veilig om ze daar te laten liggen. Er wordt al veertig jaar onderzoek gevoerd naar wat we met het kernafval moeten aanvangen. Nu stelt NIRAS voor het kernafval geologisch te bergen – onder de grond te steken dus. Het is een onverantwoord project van tientallen miljarden euro's dat de problemen gewoon doorschuift naar de volgende generaties.

Groen verzet zich tegen dit voorstel van NIRAS en wil iedereen oproepen om de bevraging in te vullen en van je te laten horen (voor 13 juni).

Vul de bevraging in

Dit hebben wij geantwoord

Vraag 1: Ik aanvaard de privacy policy

Antwoord A: "Ik ga akkoord"


Vraag 2: Gaat u akkoord met het voorgestelde systeem van geologische berging?

Antwoord D: "Helemaal niet akkoord"


Vraag 3: Gaat u akkoord met het voorstel om dit uit te voeren op Belgisch grondgebied?

Antwoord D: "Helemaal niet akkoord"


Vraag 4: NIRAS benadrukt eveneens dat de beleidskeuze niet mag worden uitgesteld. Gaat u hiermee akkoord?

Antwoord D: "Helemaal niet akkoord"


Vraag 5: Gaat u akkoord met de noodzaak en de voorgestelde principes (participatief, transparant, billijk, aanpasbaar aan de technische en wetenschappelijke vooruitgang en aan de maatschappelijke evoluties van een besluitvormingsproces voor de ontwikkeling, locatiekeuze en realisatie van een systeem van geologische berging in België?)

Antwoord D: "Helemaal niet akkoord"

a. Waarover hebt u eerst bijkomende opmerkingen of meningen?

 

Antwoord A: Voorgestelde technische oplossing (systeem van geologisch berging)?

b. Wat is uw reactie of mening?

Ook al blijft het radioactieve afval in eerste instantie toegankelijk en terughaalbaar, toch is het doel van NIRAS om de bergingssite definitief te sluiten. Groen wenst dat er een groot maatschappelijk debat wordt gevoerd over deze voorgestelde technische oplossing, met name de geologische berging waarbij het afval nooit meer teruggehaald kan worden. Na een eeuw voorziet NIRAS geen enkele controle op het afval, en erger nog, het radioactieve afval zal niet meer toegankelijk en dus niet recupereerbaar zijn, ook al zullen er tegen die tijd misschien nieuwe wetenschappelijke inzichten voorhanden zijn. Deze niet-recupereerbaarheid druist niet enkel in tegen een dynamische visie op wetenschap, maar ook tegen de wil van een grote meerderheid van mensen die willen dat het afval op elk moment teruggehaald kan worden.

Het voorstel van NIRAS, het voorstel waarbij de kans wordt ontnomen aan toekomstige generaties om voort te bouwen op eventuele nieuwe wetenschappelijke kennis, is niet gebaseerd op wetenschappelijke expertise. En dat is logisch, want er bestaat momenteel nergens ter wereld een veilige opslagplaats voor radioactief afval. Integendeel, de enige mondiale ervaringen met opslagplaatsen van hoog-radioactief afval zijn problematisch voor het milieu.

In de Verenigde Staten is er sinds 1999 een ondergrondse bergingssite met middelactief langlevend militair afval op 700 meter diepte. Deze proefinstallatie voor afvalisolatie (Waste Isolation Pilot Plant, https://wipp.energy.gov/waste-transportation.asp) is gebaseerd op dezelfde filosofie zoals die wordt gehanteerd door NIRAS, met name de filosofie om het milieu gedurende honderdduizenden jaren tegen radioactieve lekken te beschermen. De Amerikaanse afvalinstallatie wordt door NIRAS als voorbeeld aangehaald in de documenten ter voorbereiding van de Belgische beslissing. In februari 2014 - de site was nog geen 15 jaar operationeel - trad er een chemische reactie op in een afval-vat. Het vat scheurde en er kwamen gevaarlijke radioactieve stoffen, plutonium en americium, vrij in de omgeving. De aanpak van dit ongeluk - dat nooit zou gebeuren - bedroeg 2 miljard dollar. Twee miljard voor één vat dat scheurt! En dan te bedenken dat sommige mensen in de Verenigde Staten en in België duizenden van dit soort vaten wil begraven... 'Gelukkig' gebeurde dit ongeluk toen de site nog niet volledig afgesloten en dus toegankelijk was. Wat zou er gebeurd zijn als dit ongeluk zou plaatsgevonden hebben na definitieve sluiting van de site?

In Duitsland werd een oude zoutmijn (De Asse-mijn: https://www.bge.de/en/asse/) gebruikt voor technische opslagtesten van radioactief afval in diepe grondlagen. Van 1967 tot 2004 werden lege holtes, op een diepte van 500 tot 750 meter, gevuld met laag- en middelactief radioactief afval. Een zoutmijn heeft de eigenschap dat ze zelf holtes kan afsluiten, dus de project-managers hoopten dat het zout het kernafval miljoenen jaren zou omringen. De toenmalige Duitse staatssecretaris verzekerde dat er "naar alle waarschijnlijkheid geen risico's" verbonden waren aan het project. Sinds 1985 zijn de muren van de mijn ingestort en drong er dagelijks 12m³ water binnen in de holtes. In 2008 werden lekken van radioactieve pekel vastgesteld en overstromingsrisico's bedreigden het omringende grondwater. Het federale milieuministerie maakte een plan om het opgeslagen radioactieve afval uit de zoutmijn te halen. In 2013 stelde de Duitse nucleaire waakhond (BFS: Bundesamt für Strahlenschutz) dat een evacuatie van het kernafval dringend was en dat de kosten van deze operatie € 2,5 miljard zou bedragen. De eventuele betonnering van de mijn was niet inbegrepen in dit bedrag. In 2016 maakten experten zich ernstig zorgen over de aanzienlijke risico's verbonden aan het verplaatsen van het afval. De autoriteiten hebben er uiteindelijk voor gekozen om de afvalvaten weg te halen en ze een paar kilometer verderop te stockeren. De kosten worden geraamd op € 5 tot €10 miljard. Na een beveiligingsfase worden de eerste vaten ten vroegste in 2023 geëvacueerd.

In een andere Duitse opslaglocatie, Gorleben, vrezen milieuverenigingen geologische kwetsbaarheid en zijn de werkzaamheden gestaakt.

Gezien de onzekerheden die verbonden zijn aan de onomkeerbare geologische berging van radioactief afval, is Groen voorstander van een oplossing die toelaat om toegang te hebben tot het radioactief afval in afwachting van mogelijke nieuwe wetenschappelijke inzichten, internationale ervaringen en vooruitgang.

 

Antwoord B: Op Belgisch grondgebied?

b. Wat is uw reactie of mening?

NIRAS moet de optie van Europese samenwerking veel beter onderzoeken. Er kan bijvoorbeeld een samenwerking worden gestart met één of meerdere van onze buurlanden, want elk land dat elektriciteit produceert via kernenergie, wordt geconfronteerd met dezelfde afvalproblematiek. Zo kunnen er bijvoorbeeld andere locaties verkend worden die veiliger zijn en minder dichtbevolkt dan in België.

 

Antwoord C: Noodzaak van een beslissing?

b. Wat is uw reactie of mening?

Er is op dit moment geen enkele reden om nu al te beslissen over een definitieve oplossing voor de berging van het radioactief afval. Het 'urgentie'-argument wordt door NIRAS en andere betrokken actoren al 40 jaar gebruikt om steeds dezelfde en enige optie (geologische berging in de Boomse klei ter hoogte van Mol) te verdedigen, terwijl andere opties onvoldoende werden onderzocht.

De Nederlandse regering heeft op 29 januari 2018 de knoop doorgehakt om de definitieve beslissing over het radioactieve afval in Nederland uit te stellen tot het jaar 2100. Er zullen meer dan duizenden generaties na ons betrokken zijn bij dit project. We hebben dus net als onze Noorderburen de tijd en de plicht om een groot maatschappelijk debat te voeren over de definitieve eindbestemming van het kernafval. Ondertussen moet er verder gewerkt worden aan het vinden van een tussentijdse oplossing, zodat de sites in Doel en Tihange na de ontmanteling van de kernreactoren, niet zouden veranderen in een nucleair kerkhof.

Bijkomend is Groen niet akkoord dat er een publieksraadpleging wordt gehouden over zo een grote maatschappelijke uitdaging terwijl de coronacrisis volop woedt en de mensen 'in hun kot moeten blijven'. Burgers moeten zich, indien zij dat wensen, kunnen informeren en via administraties en andere diensten toegang krijgen tot alle documenten in het dossier. Er moeten info- en debatdagen georganiseerd worden en verschillende experten (ingenieurs, geologen, sociologen, economen,...) moeten zich in alle openheid kunnen uitspreken over dit brede maatschappelijke dossier.

 

Antwoord D: Mogelijke milieueffecten van het systeem van geologische berging?

b. Wat is uw reactie of mening?

Vooraf: het is belangrijk dat deze vraag beantwoord wordt door zo veel mogelijk mensen. Het is zeker niet nodig om alle standaardantwoorden zoals hieronder opgelijst te hernemen in uw antwoord. U kan die antwoorden hernemen die u het relevantst lijken.

Volgens NIRAS "zijn er nog geen verregaande of definitieve uitspraken mogelijk omdat er nog geen concrete plannen zijn over waar, wanneer en op welke wijze het langetermijnbeheer moet plaatsvinden" (niet-technische samenvatting SEA, pg.16). En nog volgens NIRAS "bevat de beoordeling van de milieugevolgen nog erg weinig details" (niet-technische samenvatting milieueffectenrapport, pg.6) Aangezien zelfs NIRAS zich niet definitief uitspreekt, en aangezien de milieugevolgen nog onduidelijk zijn, hoe kunnen wij ons vandaag dan definitief uitspreken over 'het systeem van geologische berging op Belgische grondgebied'?

Gaan we echt beslissen om 1,3 miljoen m³ grond en rotsen uit te graven en 680.000 m³ cementgebonden materialen (Milieueffectenrapport NIRAS, pg.77) te produceren zonder de mogelijke milieu-effecten van deze optie te kennen? Voor Groen is de voorgestelde afvalstrategie van NIRAS puur 'wishfull thinking'.

Voor Groen moeten de mogelijke milieu-effecten en de gekoppelde veiligheidsvoorwaarden van de geologische berging kritisch worden bekeken.

Ter herinnering, het radioactief afval zal worden "afgezonderd in een geschikte stabiele aardlaag, achter een hele reeks kunstmatige barrières (zoals metaal en beton) op een diepte van enkele honderden meters" (samenvatting SEA, pg.8). Het voorstel van NIRAS suggereert dat de geologische berging een "veilige oplossing is voor het hoogradioactief en/of langlevend afval" en dat hierover een grote internationale wetenschappelijke en politieke consensus bestaat. NIRAS beveelt deze oplossing aan omdat het volgens de instelling mogelijk is om het radioactief afval miljoenen jaren te isoleren, los van alle mogelijke onvoorspelbare veranderingen aan het aardoppervlak, het klimaat of de samenleving, zoals klimaatveranderingen en maatschappelijke veranderingen (niet-technische samenvatting SEA, pgs .8 en 12).

  1. Eerste hypothese: de kleilaag

De eerste door NIRAS aangenomen hypothese is dat er diep in de grond een geologische laag aanwezig is die voldoende dik is en op heel lange termijn stabiel blijft. NIRAS stelt de kleilaag voor omwille van haar stabiliteit. Het is vandaag echter onmogelijk om eventuele seismische gevaren te voorspellen.

Vandaag baseert NIRAS zich op een historische stabiliteit en dit terwijl de Koninklijke Sterrenwacht een reeks gematigde trillingen heeft waargenomen in de afgelopen eeuwen en enkele grote trillingen in 1381, 1580 en 1692. De 'historische stabiliteit' waar NIRAS zich op baseert, kan dus in twijfel worden getrokken. De graaf- en boorwerken kunnen de kleilagen mogelijks ook destabiliseren. Volgens Marcos Buser (Buser M. (2018) « Du stockage des déchets toxiques dans des dépôts géologiques profonds », Association Française pour l’Information Scientifique), geoloog en voormalig lid van de commissie voor nucleaire veiligheid in Frankrijk, kan klei door geologische veranderingen scheuren, waardoor er water kan infiltreren en waarna radioactieve stoffen in het grondwater of in de lucht kunnen terechtkomen. Bovendien zijn de containers en de horizontale galerijen door de radioactieve straling en eventuele bewegingen van het gastgesteente mogelijk ook onderhevig aan bepaalde veranderingen.

2. Tweede hypothese: de afvalcontainers

In de tweede hypothese stelt NIRAS dat de verschillende verpakkings- en vulmaterialen duizenden jaren bestand zijn tegen de radioactieve straling, waarna natuurlijke barrières de radioactieve straling zullen tegenhouden.

Er zijn nochtans risico's dat de containers niet bestand zullen zijn tegen corrosie, mechanische belasting of de radioactieve straling of een combinatie van gebeurtenissen. We weten bijvoorbeeld dat waterstof, dat wordt gevormd tijdens chemische reacties in het vat, scheuren in het metaal kunnen maken. Uit een artikel van Zhang ea (Zhang et al. 2019. « Effects of deep geological environments for nuclear waste disposal on te hydrogen entry into titanium », International Journal of Hydrogen Energy (44) : 12200-12214.) blijkt dat het metaal van de afvalcontainers ((vooral titanium) beïnvloed kan worden door waterstof dat zich verspreid in het afvalvat. Hoewel de auteurs van dit artikel ook mogelijke oplossingen voor dit probleem voorstellen, erkennen ze dat de mogelijke reacties in het afvalvat moeilijk te voorspellen zijn. Jean-Pierre Petit, natuurkundige en voormalig onderzoeksdirecteur van het Nationaal Wetenschappelijk Onderzoekscentrum van Marseille, wijst er ook op dat het geproduceerde waterstof boven een bepaalde druk de klei kan breken. Bovendien is waterstof bijzonder brandbaar, in het geval van een slechte ventilatie zou een vonk voldoende zijn om een explosie te veroorzaken, die mogelijk kan leiden tot een kettingreactie tussen de verschillende holtes. Een brand in de ondergrondse galerijen zou oncontroleerbaar zijn en leiden tot radioactieve uitstoot aan de oppervlakte. Meer nog, als de hitte die wordt geproduceerd door het radioactief afval toeneemt, kan het water dat in de kleilagen zit bij een bepaalde hittepunt verdampen, waardoor er nog meer radioactieve stoffen zullen vrijkomen (Roland Desbordes (2018) sur Investig’action). Geen enkele expert kan zich uitspreken over de mogelijke radiologische of verouderingseffecten van stralend en heet afval dat gedurende tientallen of honderden jaren in vaten geborgen zit.

Als gastgesteente werd klei gekozen, niet enkel vanwege de vermeende stabiliteit, maar ook voor de ondoordringbaarheid. Op langere termijn, en zoals hierboven beschreven, is de kans groot dat er water infiltreert in de kleilagen waardoor er corrosie kan optreden bij de aanwezige afvalcontainers, waarna radioactieve elementen kunnen ontsnappen in het leefmilieu. Hierbij moet opgemerkt worden dat HADES, het ondergrondse laboratorium in Mol waar de geologische berging van radioactief afval wordt bestudeerd, zich onder de tweede grondwaterspiegel van België bevindt.

Een studie van Persoons et al (2019, gefinancierd door ANDRA, het equivalent van NIRAS in Frankrijk) concludeerde dat de risico's "de eerste 500 jaar voldoende laag waren" zodat men het systeem als veilig kon beschouwen en dat er "zeer weinig kans is op risico's tot 1100 jaar werking" van het systeem. De auteurs gaven echter toe dat ze geen rekening konden houden met alle gebreken van het systeem en dat er meer experimentele testen nodig waren (Persoons et al. 2019. « Time-dependant reliability analysis of overpacks for high-level radioactive waste ». Nuclear Design (352) : 110156).

Hoewel NIRAS er prat op gaat dat zij een wetenschappelijke consensus over dit onderwerp heeft bereikt, moet toch worden toegegeven dat het onmogelijk is om de onfeilbaarheid van een dergelijk project te garanderen vanwege de duurtijd van het project, maar ook vanwege de intrinsiek onvoorspelbare risico's, zoals in het geval van het ongeluk in Fukushima.

In Zweden, een ander voorbeeld dat wordt aangehaald in het Belgische dossier, heeft de rechtbank het geologisch bergingsproject op 23 januari 2018 verworpen omdat er veel te veel onzekerheden zijn over het langetermijngedrag van de afvalcontainers die voor eeuwig in de geologische bergingssite zouden worden opgeslagen. De Zweedse milieurechtbank concludeerde: "De onzekerheden rond bepaalde vormen van corrosie en andere processen zijn echter van zo'n ernstige aard dat het Hof op basis van de veiligheidsanalyse van SKB niet kan concluderen dat aan het risicocriterium zoals gedefinieerd in de regelgeving van de de Stralingsbeschermingsautoriteit voldaan is" (Rapport du Tribunal Environnemental Suédois, pg 5).

 

Antwoord E: Bestaan van alternatieven?

b. Wat is uw reactie of mening?

Het opzet van dit langverwachte rapport van NIRAS was om op een diepgaande, nauwkeurige en volledige manier de verschillende technische, economische, financiële en milieugerelateerde aspecten van het beheer en de berging van radioactief afval te bestuderen. Het doel was net om alle alternatieven te belichten! Ook het FANC (het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle) vroeg al in 2011 het volgende: "Wij vinden het nodig dat de alternatieven voor de opslagmethode en de locatiekeuze beter geëvalueerd en beargumenteerd worden, zodat de regering een goede beslissing zou kunnen nemen" (https://www.lalibre.be/international/l-ondraf-appele-a-revoir-sa-copie-51b8cdd0e4b0de6db9bfe80d).

De voorgestelde 'oplossing' van NIRAS gaat echter enkel over een "enige optie" (milieueffectenrapport, pg.10) en "enige veilige eindbestemming" (milieueffectenrapport, pg.12): de geologische berging.

Het rapport van het FANC haalt 'twee bijkomende pistes die in dit stadium niet verwaarloosd kunnen worden' aan:

i) een met andere Europese landen, zoals Nederland, gedeelde opslag en

ii) diepe boorgaten.

Maar het voorstel van NIRAS wuift deze pistes weg als onhaalbaar "zeker in vergelijking met de uitgebreide kennis- en ontwikkelingsbasis die voor geologische berging in galerijen bestaat" (technische samenvatting milieueffectenrapport, pg. 11) NIRAS heeft in België het publieke monopolie op het beheer van radioactief afval. De voorbije 40 jaar heeft NIRAS niks anders gedaan dan deze voorgestelde optie bestudeerd. Zo is het natuurlijk gemakkelijk om na 40 jaar vast te stellen dat de enige studies en de enige wetenschappelijke kennis die voorhanden is, die van de geologische berging is.

Groen vindt het onrechtvaardig dat men in dit dossier overhaaste maatregelen en beslissingen wil nemen. Alle mogelijke diepte-opties moeten onderzocht worden. Rekening houdend met de aanzienlijke impact van de berging van hoogradioactief afval, zeker wat betreft de veiligheid op zeer lange termijn, rechtvaardigen agendakwesties en de kostprijs van de uitvoering van het project niet dat men a priori weigert om bepaalde alternatieven te onderzoeken. Het is dringend tijd om de tunnelvisie, waarin NIRAS deze beslissing wil plaatsen, samen met een regering die snel de eerste stap van de principebeslissing wil nemen, te verlaten.

Alle alternatieven moeten eerst grondig worden onderzocht.

 

Antwoord F: Besluitvormingsproces?

b. Wat is uw reactie of mening?

In volle lock-down startte NIRAS een openbare raadpleging over haar project voor het langetermijnbeheer van het gevaarlijkste kernafval in ons land. De geologische berging van het radioactief afval verbindt België voor een periode van minstens 300.000 jaar en zal miljarden euro's kosten. Het is onverantwoord om midden in een ongekende gezondheidscrisis een openbare raadpleging te houden over zo'n ernstige en complexe kwestie. Hoe kunnen de burgers zich goed informeren zonder ruchtbaarheid, zonder publieke bijeenkomsten, zonder panels van deskundigen en dit terwijl ze hun huis niet mogen verlaten? Het lijkt op een uitgemaakte zaak. Het is alsof NIRAS alle vragen en kritiek wil vermijden door de publieksraadpleging te lanceren tijdens de ergste pandemie die België de laatste decennia heeft meegemaakt.

Meer in het bijzonder is dit een politiek en, door de grote maatschappelijke engagementen die het vervat, vooral filosofisch en ethisch dossier. Dit is een zeer belangrijke vraag aan de samenleving en ook voor het voortbestaan van onze beschaving. De keuzes en de gevolgen van de door NIRAS voorgestelde oplossing moeten op grote schaal openbaar worden gemaakt en besproken, tussen burgers, maar ook in de media en in het parlement! We kunnen de bevolking niet vragen om tijdens de lock-down, op amper twee maanden tijd, zich uit te spreken over een onderwerp dat NIRAS al 40 (VEERTIG) jaar bestudeert.

Alle Europese landen zijn verplicht een openbaar debat te organiseren.

Zo is in Frankrijk het nationaal plan voor het beheer van radioactief materiaal en afval (PNGMDR) het onderwerp van een publiek debat dat om de drie jaar door de Nationale Commissie voor Openbaar Debat wordt georganiseerd! Het laatste debat vond plaats van 17 april tot 25 september 2019 - dat is een debat van 150 dagen - en dus veel langer dan in België.

Ten slotte vereist het Verdrag van Aarhus vanuit juridisch oogpunt "redelijke termijnen die voldoende tijd laten voor het informeren van het publiek" en "zodat het publiek zich doeltreffend kan voorbereiden op en inspraak heeft in de procedure" (artikel 6). Het verdrag vereist dat "elke partij alles in het werk stelt om het publiek de gelegenheid te geven deel te nemen" (artikel 7).

Ik zou als burger graag veel meer overleg willen plegen over een beslissing waarvan de gevolgen zo'n grote impact hebben op de toekomstige generaties. Het is onaanvaardbaar dat in België, in tegenstelling tot in alle andere Europese landen die kernafval beheren, NIRAS zowel rechter als partij is bij de controle en het toezicht op het beheer van kernafval.

 

Antwoord G: Andere?

b. Wat is uw reactie of mening? Open antwoord mogelijk

c. Wilt u nog iets kwijt over een ander thema? Open antwoord mogelijk

Na 40 jaar onderzoek ligt er geen enkel concreet voorstel op tafel. Het ontwerpplan wil "conceptueel en generiek" zijn. Welke diepte? Welk gastgesteente? In de Boomse klei (aangezien in de Boomse klei het enige onderzoekslabo is gevestigd in de voorbije 40-jarige onderzoekstermijn)? In welke verpakking? In welke galerijen? Voor welke kostprijs? Op basis van welke financiële provisies? Waar? Vanaf wanneer? Hoe? Geen enkele van deze vragen wordt beantwoord op dit moment.

Bovendien bestaat er geen impactstudie in het buitenland van de geologische berging in de "conceptuele fase". Als de geologische berging in absolute zin een oplossing kan zijn, hangt alles af van het type gastgesteente (klei? kristalgesteente? poreus gesteente?) en van de infiltratierisico's verbonden aan deze locatie. De milieu-effectenstudie van NIRAS is daarom niet geloofwaardig omdat ze, bijvoorbeeld, de effecten op de lucht en op de mensen uitsluit. Ze sluit de grensoverschrijdende effecten uit. Ondanks de inherente zwakke milieu-effectenstudie, stelt NIRAS het principe van de geologische berging voor als totaaloplossing voor de toekomst.

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente