21 mei 2015

De Croo verkoopt zijn besparingen op ontwikkelingssamenwerking als een “modernisering”

Vandaag heeft minister Alexander De Croo een beslissing met verstrekkende gevolgen voor de Belgische ontwikkelingssamenwerking genomen.

De minister wijzigde de lijst landen waar ons land rechtstreeks op het terrein aan bilaterale ontwikkelingssamenwerking kan doen. In de toekomst zullen er dat nog 14 zijn, vier minder dan vandaag. België trekt weg uit de middeninkomenslanden en concentreert zich nog meer op de lage-inkomenslanden door twee partnerschappen aan te gaan met twee nieuwe fragiele staten. De minister wilde vanmiddag in het parlement niet garanderen dat het totale budget voor 14 partnerlanden niet lager zou liggen dan het totale budget dat er vandaag is voor de 18 partnerlanden. Nochtans zal wie bespaart ook minder impact bereiken.

“Ik kan begrip opbrengen voor een oefening om tot meer concentratie en minder versnippering te komen, op voorwaarde dat dit leidt tot een verhoging van onze middelen in die landen. Dat opent deuren en zal ons misschien meer impact geven om armoede en ongelijkheid te bestrijden. Maar zowel uit de communicatie van de regering in de pers en in het parlement blijkt dat deze concentratieoefening de besparingsoefening moet verhullen” aldus Kamerlid Wouter De Vriendt.

Dat de minister de concentratie-oefening niet los wil zien van de besparingen op ontwikkelingssamenwerking baart Groen zorgen. “De besparingen van de regering Michel en de vorige regering Di Rupo op ontwikkelingssamenwerking zijn schandalig. Tegen 2019 zal de regering gecumuleerd 1 miljard euro besparen op ontwikkelingssamenwerking. Nochtans is economische, sociale en culturele ontwikkeling niet alleen een recht, ontwikkelingssamenwerking is ook in ons eigen belang. Zo zullen de migratiestromen naar Europa alleen toenemen als rijke landen geen welvaart en perspectief creëren in het zuiden”

Sinds 2000 veranderden de opeenvolgende federale regeringen al vier keer de lijst partnerlanden. Om doeltreffend te zijn, moet ontwikkelingssamenwerking voorspelbaar zijn. Minister De Croo miste een kans door zijn voorstel niet vooraf met het parlement te bespreken. Een kamerbrede consensus, zou stabiliteit gedurende enkele legislaturen kunnen garanderen. Groen wil ook de objectieve onderbouwing zien voor het behoud, de toevoeging of het schrappen van de partnerlanden. We mogen niet naïef zijn, in het verleden was de keuze van partnerlanden het resultaat van partijpolitieke koehandel.

Bovendien houdt de beweging van Minister De Croo naar meer partnerschappen met fragile staten in de minst ontwikkelde landen grote risico’s in. Resultaten boeken lukt moeilijker in die landen. De minister moet incalculeren dat er meer mislukkingen zullen volgen en de moed tonen om ontwikkelingssamenwerking te verdedigen. Minister De Croo moet die mislukkingen uitleggen aan een publieke opinie die steeds kritischer wordt en resultaten wil zien voor zijn belastinggeld.

Tot slot benadrukte Groen dat rechtstreekse hulp aan de overheden van partnerlanden die de mensenrechten schenden of corrupt zijn, niet kan. In zo’n geval moet de hulp via lokale NGO’s en middenveldorganisaties tot bij de bevolking komen.

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat je onze website zo goed mogelijk beleeft. Lees meerOK