03 sep 2014

De straaljager heeft zijn beste tijd gehad (Opinie)

Het debat over de opvolger van de F-16 woedt in alle hevigheid. Gisteren lekte uit hoe Defensie de kluit belazert door aan te sturen op de Amerikaanse Joint Strike Fighter, ook al is het niet het meest geschikte toestel.

Maar heeft ons land überhaupt jachtvliegtuigen nodig? Militaire experten struikelden over elkaar heen om op die vraag volmondig 'ja' te antwoorden. Verbazingwekkend, en niet alleen omdat men vlotjes voorbijgaat aan de 5 miljard euro uitgave die logischerwijze niet kan worden besteed aan - we zeggen maar wat - armoedebestrijding of loonlastenverlaging. Maar ook omdat het aantoont dat nog niet iedereen de consequenties en mogelijkheden van doorgedreven pooling en sharing van militaire capaciteiten begrijpt.

Vandaag is er in Europa een overcapaciteit aan bommenwerpers, wat betekent dat niet elk land moet gaan vervangen. Efficiënter is om de militaire taken te verdelen. De uitkomst van zo'n afspraak kan best zijn dat België investeert in jachtvliegtuigen, maar dan moeten marine en landmacht afgebouwd worden en opgevangen worden door andere landen. In tijden van Europese integratie is het idioot te veronderstellen dat elk leger alles zelf moet kunnen. De vervanging van de F-16's is dus op zijn minst voorbarig.

Heeft de westerse veiligheidsgemeenschap (NAVO, EU, OVSE,...) nog jachtvliegtuigen nodig? Zijn straaljagers onmisbaar om onze veiligheid te waarborgen en vrede te promoten?

Maar aan dat debat gaat een belangrijkere vraag vooraf. Heeft de westerse veiligheidsgemeenschap (NAVO, EU, OVSE,...) nog jachtvliegtuigen nodig? Zijn straaljagers onmisbaar om onze veiligheid te waarborgen en vrede te promoten? Het is onze overtuiging dat dit minder dan ooit het geval is.

Na 9/11 en de oorlog in Irak organiseerden de EU en de VN brede denkoefeningen over wat de Europese en mondiale veiligheid kan bedreigen. Het VN-rapport "A More Secure World: Our Shared Responsibility" uit 2004 spreekt over: armoede, besmettelijke ziekten en aantasting van het milieu, oorlog en geweld binnen staten, de verspreiding van wapens, terrorisme, mislukte staten en grensoverschrijdende georganiseerde misdaad. Sinds dat rapport staat ook cyberterrorisme hoog op de agenda. De voorspelbaarheid van de Koude Oorlog is verdwenen, conflicten zijn complexer dan ooit en oorlogen tussen staten worden minder waarschijnlijk.

Promoot de democratie

Wie een veiligere wereld wil, moet investeren in andere dingen dan bommenwerpers. Neem nu Afghanistan. De Taliban is er allerminst verslagen, maar wacht de terugtrekking van de buitenlandse troepen af. Charles-Henri Delcour, de vorige stafchef van het Belgische leger, zei daarover het volgende: "Ik denk dat het zo'n beetje overal is foutgelopen. Men kan het niet echt hebben over een overwinning. Alle ingrediënten voor een burgeroorlog zijn aanwezig."

Vandaag vinden gevechten vaak plaats in een stedelijke omgeving waar het risico op burgerslachtoffers na een bommenregen door een jachtvliegtuig enorm is. Vaak is terrorisme geworteld in ongelijkheid en uitzichtloosheid, gekanaliseerd door religieus extremisme.

Oude en nieuwe grootmachten hebben de prangende verantwoordelijkheid om in hun buitenlands beleid te allen tijde de versterking van het internationaal recht en de democratie te promoten.

Hoe zorgen we in die context voor veiligheid? Door de voedingsbodem van conflicten zoveel mogelijk weg te nemen, kansen te geven aan landen en hun bevolking op ontwikkeling, en de uitbouw van rechtvaardige handel. Oude en nieuwe grootmachten hebben de prangende verantwoordelijkheid om in hun buitenlands beleid te allen tijde de versterking van het internationaal recht en de democratie te promoten. Wapenhandel dient wereldwijd aan banden te worden gelegd.

Maar in het nieuwe Vlaamse regeerakkoord gaan de partijen niet verder dan het zwakke EU-compromis, om de belangen van de eigen industrie niet te schenden. Ook het federale niveau moet lessen trekken: sluit niet te snel Belgische ambassades in het buitenland en bespaar niet drastisch op conflictpreventie of ontwikkelingssamenwerking. Zoals de voorbije jaren helaas al te vaak is gebeurd.

Uiteraard is ook militaire capaciteit nodig. Maar in de conflicten van morgen zullen geen bommenwerpers de doorslag geven, maar performante militaire inlichtingendiensten, een internationaal juridisch gereglementeerde inzet van drones, of boots on the grounds. Want laten we een kat een kat noemen. De keuze voor gevechtsvliegtuigen heeft niets te maken met risk sharing. Een veelgehoord argument op het kabinet-De Crem, maar het tegendeel is waar. Niets is immers zo veilig als het inzetten van F-16's boven het luchtruim van Afghanistan.

Afschrikking

Een nieuwe veiligheidsarchitectuur met een brede visie op veiligheid dringt zich op, ook in het Belgische regeerakkoord en in de keuzes die Defensie maakt. In een Europees kader blijven jachtvliegtuigen zeker nodig, als afschrikking of omdat we conventionele oorlogen van staat-tot-staat nooit volledig mogen uitsluiten. Maar hun prominente rol loopt ten einde.
Onze wereld wordt uitgedaagd door conflicten waarop bommenwerpers geen antwoord bieden. Het zou goed zijn mochten we de federale regeringsonderhandelaars daarover horen.

Dit opiniestuk verscheen op 3 september 2014 in De Morgen

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat je onze website zo goed mogelijk beleeft. Lees meerOK