23 jul 2018

Democratie is geen zero-sum game

Al meer dan tien jaar is onze samenleving in de ban van de boerkini’s en de hoofddoeken. Tien jaar waarin het vuur opgepookt wordt voor electoraal belang. Tien jaar van uitzichtloze en polariserende debatten waarin bij gebrek aan politieke overeenstemming en moed uiteindelijk gegrepen werd naar het instrument van de rechtszaak.

Het loont de moeite om even terug te blikken. Het verhaal begon buiten een electorale context. Een half jaar na de lokale verkiezingen van 2006 argumenteerde onze huidige voorzitter, Meyrem Almaci, dat er zich een stevig democratisch probleem stelde. Tot op vandaag is de lijn van Groen dezelfde: die van de vrije keuze. Vanuit het recht op zelfbeschikking wordt de vrije keuze vooropgesteld. De vrouw beslist, punt. Gebod noch verbod, baas over eigen buik, en baas over eigen hoofd.

Hiermee sluit Groen naadloos aan op de erfenis van de Verlichting, een erfenis waar vandaag bijzonder licht mee wordt omgesprongen. De reden is begrijpelijk. De context van een groep mensen die religieus praktiserend is en - in tegenstelling tot de eerste generatie allochtonen- nu volop begint deel te nemen aan het maatschappelijke leven en dus zichtbaarder is, aangevuld met de context van de aanslagen op de twin towers en de terreur van moslimextremisten die de bredere samenleving zorgen baart.

Een context die uiterst giftig blijkt, en voor sommigen een aanleiding is om net uit naam van het beschermen van de democratie en de principes van de verlichting... de principes van de Verlichting selectief toe te passen en zelfs uit te hollen. De politieke vertaling ervan vinden we terug bij het VB uiteraard, maar ook bij de NVA en figuren als Hendrik Bogaert van de CD&V. Binnen de Open VLD zorgde het voor een kanteling: essentiële liberale principes worden plots gebruuskeerd om toch maar een verbod te kunnen legitimeren.

Dat bedekkende badkledij voor sommigen een choquerend gegeven is, kan ik begrijpen. Absoluut. Maar het is niet omdat iets afkeer oproept, dat verbod het juiste antwoord is. Partijen die zichzelf op de borst kloppen dat ze vrouwen ‘willen bevrijden’ zorgen met hun verbodscultuur voor meer vrouwen aan de haard. In plaats van vrouwen meer keuzes te bieden, wil men hen keuzes afnemen door verboden op te leggen. Dat heet paternalisme.

Een analyse van politieke posities is een ding, beleid voeren is iets anders. En dan valt het op dat sommige progressieve auteurs de afgelopen dagen simpelweg abstractie maken van die realiteit. In naam van BOEH! pleit Arthemis Imaan Snijders voor brute machtspolitiek. De partijen die ideologisch aan ‘onze kant’ staan en de vrije keuze bepleiten moeten na dit vonnis stante pede hun gewicht doen gelden, want er is toch een meerderheid, nipt of niet.

Uiteraard kan ik de teleurstelling na de beslissing tot beroep van Stad Gent van de kant van BOEH! begrijpen. Maar de conclusie dat de Gentse meerderheid de bevolking een rad voor de ogen zou draaien, is absolute nonsens.

In een democratie heeft de tegenpartij het recht om in beroep te gaan. Ook als je dat niet zint. Is het terecht dat een stadsbestuur de bredere implicaties van het vonnis wil weten? Naar mijn bescheiden mening wel. Rechtspraak is geen kwestie van eigen interpretaties, die eigen interpretaties zijn immers de aanleiding tot het raadplegen van een rechtbank. Precies is precies.

Dat een beroep geen andere motivatie kan hebben dat een vernietiging van het vonnis, volg ik niet. Ik heb alle vertrouwen in de rechtspraak. De magistratuur heeft de afgelopen jaren de grondwettelijke vrijheden en de vrije keuze consequent verdedigd. Het beroep zal de discussie verhelderen en inderdaad, beslechten. En dat is goed voor iedereen: het zet de zaken scherp. Als groene ben ik nogal gerust dat de uitslag het eerdere vonnis zal bevestigen en zelfs verbreden.

En wat als dit beroep het resultaat is van een politiek compromis? Wel ja, en wat dan nog? Als groene én als activist maak ik me zorgen over de ‘alles-of-niets’- strategie die aan de basis ligt van die kritiek. Bondgenootschappen sluiten is niet hetzelfde als een 100% resultaatsgarantie. Het is samen stappen vooruit zetten. En die stappen werden zowel in het hoofddoekendebat als in het debat over bedekkende badkledij steeds vanuit de groenen geïnitieerd. In dat opzicht is het ook opvallend dat er wel heel licht wordt gegaan over de beslissing van het Gentse stadsbestuur door de activisten van BOEH!. Het Gentse stadsbestuur gaat verder dan het vonnis van de rechtbank dat het verbod opheft in één zwembad. Het Gentse bestuur past het reglement van àlle Gentse zwembaden aan!

Samen besturen is compromissen maken binnen een politieke realiteit. Je houdt rekening met de gevoeligheden die aanwezig zijn bij alle partners rond de tafel. De democratie is geen zero-sum game. De winst van de een hoeft niet per definitie het verlies van de ander te brengen. In de federale en Vlaamse regering zien we dagelijks welk tot wat dat leiden kan. Daar heette het dat spiegelcoalities met centrumrechtse partijen uitstekend zouden kunnen samenwerken. De realiteit is dat ze in vier jaar van kibbelkabinet naar knokregering zijn geëvolueerd. Met alle gevolgen van dien.

En dat is een vooruitzicht waar we in Gent niet happig op zijn. Want tot spijt van wie het benijd gaat deze stad vooruit. Benadert ze in de feiten diversiteit en samenleven als een positief verhaal, elke dag opnieuw. Pakt ze discriminatie aan. Soms wordt ze door hogere overheden belemmert in de uitrol van die visie, soms dringt ze haar agenda aan die hogere overheden op. Soms kan ze de nationale agenda bepalen, en soms interfereert die nationale agenda bij haar. De zaak is daarbinnen te bewegen en resultaten te boeken . Dat is besturen. Dat is verantwoordelijkheid nemen.

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat je onze website zo goed mogelijk beleeft. Lees meerOK