DOSSIER | Welvaartsgarantie

27 mei 2020

De welvaartsgarantie is een hedendaagse, haalbare variant van het basisinkomen. Ze vult de bestaande sociale zekerheid aan. Als je een uitkering hebt en met je gezin nog steeds een inkomen onder de armoedegrens hebt, krijg je een bijpassing tot aan die armoedegrens. Als je werkt en daarmee minder verdient dan het mediaaninkomen, krijg je een bijpassing tot een stuk bóven die armoedegrens. De welvaartsgarantie roeit zo armoede uit en werkt ongelijkheid weg. Bovendien geeft ze ook aan mensen met een lager inkomen de kans om (tijdelijk) minder te werken, bijvoorbeeld om te zorgen voor kinderen of zieke familieleden, terwijl (meer) werken altijd blijft lonen.

Dit moet je weten

1. Armoede is in ons land onaanvaardbaar hoog

België slaagt er steeds minder goed in om de welvaart in ons land zo te verdelen dat mensen niet in armoede moeten leven. Jaar na jaar kleuren de armoede-indicatoren steeds roder: de rij mensen bij de voedselbanken, de groep Belgen met een betalingsachterstand, het aantal aanvragen voor een leefloon, het aantal kinderen dat opgroeit in een minder kansrijke omgeving, het aantal patiënten in de zorg met recht op een verhoogde tegemoetkoming, de gezinnen die hun energiefactuur niet meer kunnen betalen, noem maar op. Liefst 16,4 procent van de Belgen, of 1,8 miljoen mensen, leeft in armoede.

2. De sociale zekerheid werkt, maar heeft mazen in het net

Onze sociale bescherming voor werkzoekenden, zieken en personen met een handicap bestrijdt ongelijkheid en armoede. Meestal slaagt ze daar ook in. Het systeem van uitkeringen helpt mensen gericht en is het resultaat van overlegde en verantwoorde keuzes. Maar er zijn mazen in het net. Sommige uitkeringen zijn zo laag dat mensen niet uit de armoede raken. En sommige mensen die werken, verdienen zo weinig dat ze de eindjes niet aan elkaar kunnen knopen.

De coronacrisis legde enkele van die pijnpunten bloot. Ondanks de hinderpremies en tijdelijke werkloosheid zagen de OCMW's een forse stijging van de leefloonaanvragen door 'nieuwe kwetsbaren': interimmers, flexwerkers, werkstudenten en mensen in de horeca of de socio-culturele sector.

3. Een eenvoudige vorm van basisinkomen is niet haalbaar

Het basisinkomen wil een antwoord bieden op die problemen. Iedereen krijgt elke maand een vast bedrag, zonder tegenprestatie. Dat is de meest eenvoudige en bekendste vorm van het basisinkomen.

Op het eerste zicht een aanlokkelijk idee, maar moeilijk in de praktijk uit te voeren. Ofwel is het 'eenvoudige' basisinkomen betaalbaar, maar dan is het te laag om te vermijden dat mensen in armoede leven. Ofwel is het voldoende hoog, maar dan is het onbetaalbaar. De welvaartsgarantie van Groen bouwt daarom verder op de bestaande sociale zekerheid met gerichte uitkeringen.

Het kan anders

1. Met de welvaartsgarantie leeft niemand nog onder de armoedegrens

De welvaartsgarantie is een hedendaagse, haalbare variant van het basisinkomen. Ze vult de bestaande sociale zekerheid aan. Wie een uitkering heeft en met zijn gezin nog steeds een inkomen onder de armoedegrens heeft, krijgt een bijpassing tot aan die armoedegrens. Als je werkt en daarmee minder verdient dan het mediaaninkomen, krijg je een bijpassing tot een stuk bóven die armoedegrens. De welvaartsgarantie roeit zo armoede uit en werkt ongelijkheid weg.

2. Met de welvaartsgarantie blijft werken lonen

Ook als je werkt, kan je dus aanspraak maken op de welvaartsgarantie als je minder verdient dan het mediaaninkomen. Maar werken moet natuurlijk altijd meer lonen dan niet of minder werken. Daarom tellen we bij de bepaling van je inkomen je uitkeringen voor 100 procent mee en je inkomen uit arbeid voor een lager percentage, bijvoorbeeld voor 60 procent.

Dit cijfervoorbeeld toont hoe je meer verdient door (deeltijds) te werken:

  • Stel dat je een werkloosheidsuitkering krijgt van 1000 euro, 185 euro minder dan de (in 2020 gekende) armoedegrens van 1185 euro. In dat geval krijg je met de welvaartsgarantie een bijpassing van 185 euro, waardoor je inkomen niet meer onder de armoedegrens ligt.
  • Stel dat je beslist om over te stappen op een laagbetaalde, deeltijdse job waar je 1000 euro netto verdient. In dat geval krijg je met de welvaartsgarantie een bijpassing van 585 euro (= de armoedegrens van 1185 euro - 1000 euro inkomen uit arbeid * 60 procent). Je totale inkomen zal hierdoor op 1585 euro liggen, wat beduidend hoger is dan de situatie waarin je beslist om werkloos te blijven.

Op deze manier is werken steeds de meest interessante optie, maar blijft minder of niet werken in elke situatie een realistische keuze waarbij je tegen armoede beschermd wordt. De welvaartsgarantie is voor Groen ook een instrument waarmee je zelf je arbeidsduur kan bepalen en afstemmen op je eigen behoefte. Wanneer je werk wil combineren met zorg voor kinderen of zieke familieleden, wanneer je werk geleidelijk wil hervatten na ziekte, wanneer je een pauzeknop wil induwen om je bij te scholen en projecten uit te werken, enzoverder.

3. De welvaartsgarantie wist armoede uit én is betaalbaar

Groen heeft de KU Leuven gevraagd om een inschatting te maken van de kostprijs van enkele eenvoudige varianten van deze welvaartsgarantie. Hoeveel kost een model waarbij je iedereen zo'n inkomen geeft? Of wanneer je het beperkt tot mensen tussen 18 en 65 jaar? Of in het geval je ook studenten, die nog ten laste zijn van hun ouders, uitsluit van zo'n inkomen? De resultaten tonen aan dat de welvaartsgarantie budgettair haalbaar is in ons land. Afhankelijk van de modaliteiten is er zo'n 2,5 tot 4,5 miljard euro per jaar nodig. Het aandeel gezinnen onder de armoededrempel wordt met een beperkte versie van de welvaartsgarantie gehalveerd, met een uitgebreide versie maken we volledig komaf met de armoede in België.

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente