05 maa 2011

Een federaal cultureel niveau?

Vandaag staat een opvallend opiniestuk van auteur Erwin Mortier in de Morgen. Daarin pleit hij voor de oprichting van een federaal cultureel niveau. Het is stuk is polemisch maar ook provocatief bedoeld. Interessant genoeg om een debat te starten.

Ik heb een hekel aan naties en regio's die kunst en cultuur gebruiken voor eigen belang, profilering, prestige. Kunst- en cultuurbeleid moeten gevoerd worden omwille van de intrinsieke waarde van kunst en cultuur zelf. Goede artiesten moet je steunen. Voor waardevol erfgoed moet je goed zorgen. Daarom vind ik het niet goed om te pleiten voor cultuur op federaal niveau als noodzakelijk uithangbord voor de Belgische natie. Evenveel als aan wielerkoersen waar fanatici massaal met Vlaamse leeuwen zwaaien.

Het federale niveau is al eeuwen verantwoordelijk voor de eigen culturele en wetenschappelijke instellingen. Ze heeft die federale culturele instellingen decennia lang verwaarloosd. Schandelijk. Let op, de opeenvolgende federale regeringen wisten en weten maar al te goed hoe belangrijk Bozar (Paleis voor Schone Kunsten), de Musea en de Munt waren en zijn voor het prestige van België, toch zijn ze steeds meer verkommerd geraakt. Ik pleit er hard voor om het nodige geld uit te trekken om deze instellingen op internationaal artistiek niveau te brengen. Ze hebben dat in potentie, of maken dat in aanzet ook waar, zoals Bozar en de Munt. Zij zijn het voorwerp van een federaal cultureel niveau. Dat is echter versnipperd geraakt over de diensten van Wetenschapsbeleid en van de eerste minister. Herstel de eenheid, benoem een minister of staatssecretaris als verantwoordelijk voor deze instellingen, en geef ze gepaste middelen, ook voor internationaal werk.

De band met de federale overheid heeft er ook voor gezorgd dat deze instellingen te ambtelijk zijn geworden en te direct onder politieke invloed staan. Topbenoemingen zijn er altijd het gevolg van politiek gekonkel. Ze moeten dringen worden verzelfstandigd, naar het voorbeeld van Bozar, dat een NV van publiek recht is. Zo krijgen ze ruimte voor culturele dynamiek, een eigen personeelsbeleid, een zoektocht naar private financiële middelen. Politiek-bestuurlijk blijven ze dan onder de verantwoordelijkheid van de federale regering, maar in hun werking krijgen ze autonomie.

Laat in ons land alle gemeenschappen en gewesten overal actief zijn als ze dat willen. Bijv. Vlaamse instellingen in Namen, Waalse in Leuven, Turkse in Gent, federale in Brussel maar ook in de gewesten voor bepaalde activiteiten, de Vlaamse in Amsterdam (waar ze al zijn), Berlijn enz. Geef vooral ruimte aan iedereen om cultureel initiatief te nemen, wars van staats- en regiogrenzen. Daarover zou er in deze staatshervorming best een cultureel samenwerkingsakkoord worden afgesloten, dus ook met het federale niveau. Kunst en cultuur zijn open. Gebruik ze aub niet om cultuur-imperialistische redenen, maar omdat de kunstuiting of het erfgoed zo waardevol zijn. We moeten culturele organisaties en instellingen stimuleren om samen te werken, internationaal, interregionaal, interdisciplinair. Waar dan ook in België. Helaas werken de federale culturele instellingen te weinig samen met de Vlaamse en de Waalse. Ze leiden aan eilanddenken, omdat ze in een ander bestuurlijk kader gevat zijn.

En tenslotte, er zijn naast de federale instellingen een hele rits culturele huizen die vandaag bicultureel werken, permanent (bijv. Kunstenfestivaldesarts) of occasioneel (bijv. KVS). Laat de culturele huizen zelf beslissen waar ze subsidies proberen te vinden. Vlaanderen doet veel voor hen, dat is goed. Als het goed is, dan moet je het niet noodzakelijk veranderen. Als er maar openheid is voor meertalige en interculturele initiatieven.

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat je onze website zo goed mogelijk beleeft. Lees meerOK