17 dec 2013

Elisabeth Meuleman over de Vlaamse Begroting 2014

Het is bijna kerstmis, en het is duidelijk dat het cadeautjestijd is. Minister-President Peeters heeft zichzelf een budget van 166 miljoen euro gegeven, en hij doet daar nu inkopen mee. Maar de minister heeft een grote familie, en er moet voor iedereen iets zijn, dus het zijn vooral kleinigheden, onder de kerstboom van Minister Peeters. Een loonlastenverlaging voor de jongeren, en iets voor de ouderen – hoeveel precies is nog niet duidelijk - een kleinigheid voor onderzoek en ontwikkeling, nog iets voor de energielasten. Ook de andere ministers hebben nog wat aan te kondigen, zo vlak voor de verkiezingen en op het einde van de legislatuur. De isolatiepremies van minister Van Den Bossche, wat extra huurpremies, een extraatje voor scholencapaciteit, een kleinigheid voor erfgoed zelfs, want dat stond op het verlanglijstje van minister Bourgeois.

Mijnheer de minister President, Leden van de Vlaamse Regering, Collega’s;.

Het is bijna kerstmis, en het is duidelijk dat het cadeautjestijd is. Minister-President Peeters heeft zichzelf een budget van 166 miljoen euro gegeven, en hij doet daar nu inkopen mee. Maar de minister heeft een grote familie, en er moet voor iedereen iets zijn, dus het zijn vooral kleinigheden, onder de kerstboom van Minister Peeters. Een loonlastenverlaging voor de jongeren, en iets voor de ouderen - hoeveel precies is nog niet duidelijk - een kleinigheid voor onderzoek en ontwikkeling, nog iets voor de energielasten. Ook de andere ministers hebben nog wat aan te kondigen, zo vlak voor de verkiezingen en op het einde van de legislatuur. De isolatiepremies van minister Van Den Bossche, wat extra huurpremies, een extraatje voor scholencapaciteit, een kleinigheid voor erfgoed zelfs, want dat stond op het verlanglijstje van minister Bourgeois.
Er is nog een probleem met de cadeautjes van de Minister-President: zijn investeringsbudget, dit jaar, was eigenlijk te klein voor de cadeautjes die hij echt wilde kopen. En dus liggen er nogal wat tegoedbonnen onder zijn kerstboom. Die Bongo-bonnen die de Vlaamse regering uitgeeft hebben speciale eigenschappen. Het zijn tegoedbonnen die pas zullen betaald en opgenomen kunnen worden in de herfst van volgend jaar, door een volgende Vlaamse regering.
De impliciete schuld - dat wil zeggen de kosten die worden doorgeschoven - zo stelt het Rekenhof in zijn doorlichting van de Vlaamse begroting - neemt steeds verder toe. Dat komt door toekomstige peperdure PPS projecten zoals de Oosterweel, of de dure DBFM scholenbouwoperatie, maar ook doordat de regering heel wat beleidskredieten vastlegt zonder dat daar betaalkredieten tegenover staan. Ze legt, met andere woorden, heel wat beleid vast, maar de centen daarvoor zullen moeten gezocht worden in een volgende legislatuur. De grootste cadeaus moeten met andere woorden worden betaald door de volgende Vlaamse regering. Deze Vlaamse regering leeft op de poef van de toekomstige generaties.
De begroting 2014 is de laatste van deze legislatuur. De laatste kans om onafgewerkte werven aan te vatten, om Vlaanderen in beweging te krijgen. De Vlamingen kregen onder Peeters II jaren van stilstand, politiek gekibbel, en regelneverij.
Vlaanderen wacht op een doortastend sociaal beleid en op een effectief en duurzaam competitiviteits- en relancebeleid. Nu we ook de laatste begroting van deze legislatuur in handen kregen weten we dat we dit van uw regering niet meer mogen verwachten. Dit wordt helemaal duidelijk als we naar uw voorstellen over het competitiviteits- en werkgelegenheidspact in detail bekijken.
We delen uw bezorgdheid en we steunen de samenwerking tussen de verschillende regeringen om de competitiviteit daadwerkelijk te verhogen en een economische relance te bewerkstelligen. Maar we zijn teleurgesteld met de micro-bijsturingen die we krijgen, terwijl een koerswijziging nodig is. De loonkosthandicap kan ten gronde alleen maar aangepakt worden door een fiscale verschuiving : minder lasten op arbeid, en een verschuiving naar lasten op vermogen en op vervuiling.
In vergelijking met onze buurlanden hebben wij torenhoge lasten op arbeid. Dat is correct. En die moeten naar beneden. Maar we moeten niet alleen op dat vlak de vergelijking maken met de buurlanden. Wij hebben ook zeer lage lasten op hoge vermogens en op vervuiling, in vergelijking met de buurlanden. We zijn op vlak van milieufiscaliteit echt de slechtste leerlingen van de Europese klas. Daarvoor kregen we al meer dan eens een rode kaart van de milieubeweging, maar ook van de OESO. Want eerlijke milieufiscaliteit is één van de cruciale factoren in de evolutie naar performante groene economie. Helaas zien we daar in Vlaanderen in de feite niets van.
Competitiviteit is ook niet loonkostverlaging alleen. Er zijn ook andere belangrijke indicatoren die aangeven of ons gewest echt mee is op vlak van relance en competitiviteit. Ik noem er twee :
1. De snelle, degelijke vergunningsprocedures : Groen wil meer inspraak in de vroegste fase van de opmaak van plannen om tijdverlies, problemen en schadeclaims te vermijden achteraf. Maar dan moet de regering ook echt afstand doen van een soort arrogante zelfgenoegzaamheid en vooringenomenheid waarbij ze adviezen van burgers, raden, experten commissies, en milieueffectenrapporten naast zich neer legt. Door mordicus door te willen gaan en vast te houden aan beslist beleid tegen negatieve adviezen in liepen zowat alle procedures rond grote infrastructuurwerken de laatste jaren in de soep. Denk maar aan Oosterweel, Uplace, het GRUP van de haven van Antwerpen. Maar de Vlaamse regering houdt vast aan beslist beleid, ook al blijkt dat fout. Resultaat : noodgrepen, reparatiedecreten en algehele stilstand op vlak van infrastructuurwerken in Vlaanderen.
2. De energie-efficiëntie : ook de energiekosten zijn voor veel bedrijven bijzonder zwaar om dragen. Maar de nieuwe energie-convenanten die deze regering afsloot met de energie-intensieve bedrijven missen elke ambitie.De MINA-Raad stelt terecht dat deze regering Vlaamse bedrijven niet weerbaar maakt tegen de stijgende energieprijzen. En ook de investeringen in de infrastructuur die nodig is voor de energie-transitie sputteren. Waar was het Vlaams Energiebedrijf nu weer mee bezig? Op vlak van klimaatbeleid remt de Vlaamse regering vooral af : er is geen greintje ambitie op vlak van hernieuwbare energie. Terwijl de nieuwe Duitse regering voluit gaat voor de ”Energiewende”. Er is geen spoor solidariteit wat de klimaatfinanciering voor de armste landen betreft. Vlaanderen bereidt zich niet voor op de koolstofarme economie van morgen. Daar zullen onze bedrijven op termijn ook een zeer hoge prijs voor betalen.
De vergroening van de economie is een beslissende factor voor toekomstige relance en competitiviteit. Maar de transitie naar een groene economie loopt in Vlaanderen voor geen meter. Meer zelfs, de groene economie in Vlaanderen boert volle kracht achteruit.
Mijnheer de minister-president, wij zijn het eens dat er impulsen gegeven worden om onze bedrijven scherp te houden in een competitieve omgeving. Maar we zijn het niet eens met blanco cheques. We hebben dat al eens gezien op federaal niveau, met de notionele interestaftrek: ook een belastingverlaging, die jobs zou opleveren. Dat heeft veel belastingvermindering voor multinationals opgeleverd, maar bijzonder weinig jobs. De outillagekorting die u voorstelt als relancemaatregel is in hetzelfde bedje ziek : een verlaging van de bedrijfskosten via de onroerende voorheffing zonder dat daar duidelijke doelstellingen tegenover staan op vlak van tewerkstelling. Dat is een gemiste kans. De lastenverminderingen voor jongeren en ouderen steunen we wel, maar de vraag is of dit voldoende is. En of we niet nog meer moeten focussen. Bijvoorbeeld op de groep van minder gekwalificeerde jongeren. Want jongeren worden nu door de federale regering hard aangepakt ondanks het feit dat er te weinig jobs zijn voor hen.
Naast de maatregelen die een groene relance bewerkstelligen missen wij in deze begroting ook maatregelen voor een sociaal beleid.
De wachtlijsten in de welzijnssector werden de afgelopen 10 jaar alleen maar langer. 22.000 personen met een handicap wachten op de juiste zorg, 4.500 jongeren wachten op hulp of een plaats in een dienst, zo’n 100.000 tot 160.000 ouderen wachten op een plaats in een rusthuis en ongeveer 500 kinderen wachten nu al op pleegzorg. En daar zijn de jongeren die volgens de minister in 2014 uit de vier noodinternaten zullen moeten worden opgevangen worden nog niet bij. Dit alles is onaanvaardbaar en een rijke regio als Vlaanderen onwaardig. Iedereen met wat gezond verstand weet dat hier geen mirakeloplossingen bestaan. Maar deze regering heeft echt veel te weinig gedaan. Men had de mond vol over een warm Vlaanderen en een zorgzame samenleving, maar de cijfers spreken voor zich : het wegwerken van de wachtlijsten was en is gewoon geen prioriteit.
Groen gaat voor een zorggarantievoor iedereen die zorg nodig heeft. We willen werk maken van een volwaardige zorgverzekering die - net zoals de federale ziekteverzekering - zorg garandeert aan wie die nodig heeft. Daarbij pleiten we voor een vermaatschappelijking van de zorg - waarbij de dichte omgeving meer verantwoordelijkheid opneemt voor de zorg. Maar ‘vermaatschappelijking’ mag geen synoniem worden voor een verdoken besparingsmechanisme, geen synoniem voor een ”trek je plan” beleid.
En nee, de oplossingen waar minister Vandeurzen nu mee uitpakt in de gehandicaptensector en de bijzondere jeugdzorg, overtuigen ons niet. Misschien zullen hierdoor wel wachtlijsten uit het zicht verdwijnen. Maar de mensen die in de problemen zitten worden er niet beter van. Integendeel. Zonder nieuwe middelen voor persoonsgebonden uitkeringen én voor aangepaste voorzieningen, zullen hun noden niet opgelost worden.
Op vlak van onderwijs is de stilstand fenomenaal. Van de grote werven die minister Smet bij het begin van de legislatuur zou uitbouwen: de hervorming van het secundair onderwijs, het lerarenloopbaanpact, het decreet schaalvergroting, en leerzorg wijst niets in het programmadecreet of de begroting er op dat er deze legislatuur resultaten zullen worden geboekt. Een vreselijke gemiste kans. Wel spreekt de minister van een ‘mental shift’ die hij realiseerde. De geesten doen rijpen in de richting van broodnodige hervormingen. Misschien bij de top van het onderwijs, maar niet aan de basis. En de basis, de leerkrachten en directeurs zullen het moeten waarmaken, die moet je mee hebben. Groen had liever eerst concrete maatregelen gezien om die leerkrachten en directeurs te ondersteunen: het versterken van de huidige scholengroepen, herinvoering van de mentoruren, meer werkzekerheid voor beginnende leerkrachten. Dat kon, en kan nog steeds deze legislatuur. Waar wacht de minister op? Een ‘mental shift’ in de Vlaamse regering misschien?
En dan hebben we het nog niet over de schoolgebouwen : de martelgang om telkens op de valreep voor alle kinderen een plaatsje in een klas te voorzien. Of de wachtlijst van te renoveren schoolgebouwen, 1700 dossiers goed voor 5 miljard euro. Vier scholen worden in Antwerpen door de inspectie, door de Vlaamse overheid afgekeurd en zouden moeten sluiten. Vooraleer de inspectie scholen sluit moeten ze in erbarmelijke staat zijn. Ik kan dat weten, ik ben, met de school van mijn kinderen ervaringsdeskundige op dat vlak. Toch kan diezelfde Vlaamse overheid niet in middelen voorzien om die afgekeurde schoolgebouwen te renoveren. Waar gaan die kinderen naar toe??
Mijnheer de minister-president, wij zijn teleurgesteld. Wij hadden zoveel meer verwacht. Een begroting die gedurfde keuzes maakt, een pact voor sterke bedrijven en meer werk, een echt duurzaam relanceplan. We kunnen dit niet goedkeuren. Omdat we weten dat het zoveel beter kan.

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat je onze website zo goed mogelijk beleeft. Lees meerOK