09 nov 2010

Halt aan de grote miskenning van de EU spelregels door General Motors

Een boodschap met formele vraag naar de EU-Commissie.

De GM groep is een wereldspeler van formaat. Haar operaties en marktaandelen zijn indrukwekkend (GM is aanwezig in 120 landen, met 71 assemblagefabrieken en 87 aanvullende fabrikatie eenheden, 21.700 onafhankellijke verdelers, vertegenwoordigt met 7,5 miljoen wagens 11,6% van de totale wagenverkoop wereldwijd, en haar produktaanbod beslaat een globaal en volledig gamma van voertuigen).

Het GM concern is over drie grote regio’s; georganiseerd en onderverdeeld. Deze zijn respectievelijk GMNA (Noord-Amerika, Canada, Mexico, Centraal-Amerika en de Caraiben), GMIO (Azië, Oceanië, Zuid-Amerika, Rusland, de onafhankelijke staten van de Commenwealth, Oost-Europa, Afrika, en het Midden-Oosten), en GME (West-Europa en Centraal-Europa zoals in de termen door GM gebruikt, te begrijpen als grosso modo de EU).
Het relatieve gewicht van deze drie onderdelen binnen de totale GM operaties bedraagt 33,20% voor GMNA (met een betreffend marktaandeel van 19% en alzo komende op de eerste plaats), 44,50% voor GMIO (met een tweede plaats in dit algemeen marktaandeel maar een eerste plaats binnen de BRIC-landen (Brazilië-Rusland-India-China) met een volume van ongeveer 54,09% komende uit China waar GM een marktaandeel van maar liefst 13,30% haalde in 2009 en als marktleider fungeert), en 22,30% voor GME (met een marktaandeel van 8,9%, en daarmee op een vijfde plaats).
Thans gaat het bedrijf via een IPO, met slechts één jaar track record sinds haar gedeeltelijke ”nationalisering”, een nieuwe beursintroductie tegemoet. Veel kan, temeer als een mastodont zoals GM zich dan ook nog boven de wet stelt, en de meest elementaire wetten met betrekking tot concurrentieregels en ”best practices” van internationale handel flagrant met de voeten treedt.
Wat GME betreft werd de beslissing genomen tot het uitvoeren van het Opel/Vauxhall herstructureringsplan (doel = winstgevendheid van GME te herstellen, tewerkstellingskosten doen dalen met $ 323 miljoen per jaar, en de productiecapaciteit met 20% verminderen). Zo werd uiteindelijk besloten tot de sluiting van Opel Antwerpen, met op papier een zoektocht naar een overnemer. Zo komt men inderdaad reeds dicht bij de -20% produktiecapaciteit, maar men sluit daarvoor wel de eenheid met een enorme potentialiteit in termen van rendabiliteit uit).
Dergelijke overname zou op 31 december 2010 moeten afgerond zijn, en in deze context speelt zich de afhandeling van de toekomst van Opel Antwerpen af, maar ook de zogenaamde zoektocht naar een overnemer-investeerder.
DE FEITEN .
Voorstellen tot overname en investering werden officiëel overgemaakt aan GM en/of haar officiële vertegenwoordigers. Over alle aspecten van de hoofdzaak (de assemblagefabriek, intellectuele eigendomsrechten, prijs, financiële garanties, enz.) ligt een overeenkomst binnen handbereik, maar er komt nochtans maar steeds geen akkoord uit de bus.
Integendeel, de recentste verklaringen van GM blijven heel erg negatief, en zouden alle hoop die nog enigszins overblijft doen opgeven, ware het niet dat de ernst van vastgestelde onregelmatigheden ten aanzien van Europese regelen en wetgeving een boodschap met formele vraag tot dringende tussenkomst vanwege de EU Commissie rechtvaardigen.
Een techniek die GM uitspeelt om tot de huidige impasse te komen is het telkens opnieuw opleggen van nieuwe en bijkomende voorwaarden voor een succesvolle overname en investering die helemaal niet thuis horen in overnamebesprekingen en overnameonderhandelingen, maar wel in besprekingen en onderhandelingen van een heel andere aard. Zo kan geen enkel voorgesteld bod tot overname ooit succesvol gerealiseerd worden.
MET BETREKKING TOT DE EUROPESE CONCURRENTIEWETGEVING.
GM doet er alles aan om een opkomende fabrikant van auto’s; geen toegang te verschaffen tot de Europese markt en zijn renoverende ecologische produkten geen kans te bieden op de Europese markt.
De opkomende fabrikant wil daarentegen alles in het werk stellen om positief in te gaan op de beslissing van GM om Opel Antwerpen over te laten, en daarbij gebruik maken van de huidige aanwezigheid bij Opel Antwerpen van werknemers met een hoog en geappreciëerd kwalitatief gehalte en hoge productiviteitsniveau’s; , en met de aanwezige installaties, haar eigen kwaliteitsnormen verder te verhogen, en, mits een korte overgangsperiode en nieuwe investeringen a rato van niet minder dan &euro600 mio van het huidige Opel Antwerpen haar nieuwe Europese uitvalsbasis te maken voor zowel electrisch aangedreven autobussen als electrisch aangedreven auto’s; van de nieuwe generatie.
Door haar gedraging vervalst GM ook de Interstatenhandel en ”best practises” van Internationale Handel door de overname van Opel Antwerpen onmogelijk te maken en er aldus alles aan te doen om haar eigen positie af te schermen op de thuismarkt van de opkomende fabrikant van auto’s; en hem te verzwakken daar waar deze opkomende fabrikant bij het huidige Opel Antwerpen Europees gebouwde auto’s; op die Chinese markt en nieuw opkomende markten wil brengen. Een afzet van tot 300.000 wagens is voorzien en via financiële waarborg reeds gegarandeerd. Een dergelijke afzet beduidt voor GM niet onaanzienlijke opbrengsten voor aldus doorlopende leveringen van onderdelen zoals versnellingsbakken en dergelijke, en licentie inkomsten of varianten hierop.
Niettegenstaande een onderbouwd voorstel op alle aspecten van de hoofdzaak (een overname met een bijkomend geplande investering resulterende in bijkomende Interstatenhandel met een Chinese markt en andere opkomende markten, die ten opzichte van heden tot 300.000 auto’s; in Europa bij Opel Antwerpen gebouwd zouden afnemen, en, een concreet zicht op technische vooruitgang en toegankelijkheid tot nieuwe hoogtechnologische en ecologisch aangedreven electrische autobussen en auto’s;), is het resultaat van de gedragingen van GM dat er tot nu toe nog steeds geen geslaagde overname is van Opel Antwerpen. In concreto betekent dat volgens de kalender van GM de laatste auto van de band loopt bij Opel Antwerpen op 21 december 2010.
GM verkeert in een dusdanig sterke ondernemingspositie op de markt, dat een dominante positie er uit voortvloeit. Een dergelijke machtspositie is op zichzelf niet onwettelijk en kan trouwens via wettelijke middelen verworven zijn. Nochtans laten de Europese concurrentie regelen niet toe een abusief gebruik te maken van een dominante positie, hetgeen waarvoor in het dossier niet alleen indiciën zijn maar ook diverse concrete aanwijzingen.

De gevolgtrekking uit hetgeen voorafgaat is dat GM over een economische machtspositie beschikt, maar er op een abusieve manier mee omspringt in haar gedragingen met betrekking tot een overnamebod voor Opel Antwerpen, hetgeen de aanleiding is voor een oproep en formele vraag aan de EU-Commissie die in deze gemachtigd is op te treden.

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat je onze website zo goed mogelijk beleeft. Lees meerOK