29 maa 2012

Meer, maar onvoldoende Europees toezicht op derivaten

In een stemming over de zogenaamde Emir-wetgeving, steunde het Europees Parlement vandaag meer toezicht op de handel in financiële OTC-derivaten. Volgens Europees parlementslid Bart Staes (Groen) is de uitkomst van de onderhandelingen tussen de Ministers van Financiën en het Europees Parlement om het toezicht aan te scherpen een stap vooruit, maar onvoldoende.

In een stemming over de zogenaamde Emir-wetgeving, steunde het Europees Parlement vandaag meer toezicht op de handel in financiële OTC-derivaten. Volgens Europees parlementslid Bart Staes (Groen) is de uitkomst van de onderhandelingen tussen de Ministers van Financiën en het Europees Parlement om het toezicht aan te scherpen een stap vooruit, maar onvoldoende.

Staes: ”Het is belangrijk dat deze complexe en schimmige handel in financiële producten aan strenge regels gebonden zijn. Met de zogenaamde over-the-counter derivaten zijn triljoenen euro gemoeid. 'Over the counter' betekent de gigantische handel in financiële producten tussen financiële instellingen onderling en daar is totnogtoe volstrekt geen toezicht op. Zonder sterk toezicht kunnen ze de economie ontwrichten, zoals is gebleken na de crisis van 2008. Het Europees Parlement zet hiermee een belangrijke stap om weer grip op de financiële markten te krijgen.”

Derivaten zijn contracten tussen twee partijen met afspraken over de levering van goederen, valuta's of aandelen op een afgesproken tijdstip of tegen afgesproken voorwaarden. Ze kunnen bijvoorbeeld gebruikt worden door bedrijven of pensioenfondsen om zich in te dekken tegen risico's van schommelingen in prijzen, rentes of wisselkoersen. Derivaten worden echter veel vaker gebruikt om te speculeren. Door een gebrek aan toezicht namen partijen daarbij vaak onverantwoorde risico's: zij maakten financiële beloftes die bij tegenvallers niet waargemaakt konden worden.

De wetgeving die Europarlementariërs in meerderheid goedkeurden, verplicht handelaren om de meeste derivatencontracten voortaan gestandaardiseerd en via centrale partijen te sluiten. Die centrale partijen (CCP's of "central clearing party") komen onder toezicht te staan en contracten moeten verplicht gerapporteerd worden zodat risico's meer zichtbaar worden voor de toezichthouders.

De Europese groene fractie pleitte ervoor dat de vorig jaar opgerichte Europese toezichthouder voor de financiële markten (ESMA) het toezicht op deze centrale partijen op zich zou nemen. Daar gingen de ministers van financiën helaas niet mee akkoord. De CCP's krijgen dus een cruciale rol en die worden strikt nationaal gecontroleerd. Op aandringen van Groot-Brittannië is bepaald dat bij een falen van zo'n CCP de Europese toezichthouders alleen bij unanimiteit een besluit van toezichthouder van een land kunnen terugfluiten. Het beheersen van de risico's blijft een nationale aangelegenheid, terwijl de werkelijke risico's van de financiële markten grensoverschrijdend zijn. Dit vandaag goedgekeurde pakket negeert daarmee ook de aanbevelingen van het 'European systemic risk committee' (ESRB), dat het systemische risico meer Europees toezicht behoeft.

”Risico concentreert zich bij centrale partijen”, legt Staes uit. ”Vanwege de gigantische bedragen die heen en weer schuiven, heeft het per definitie een grensoverschrijdend effect wanneer het bij die partijen mis gaat. Het toezicht moet daarom Europees. Juist voor deze taken is de Europese toezichthouder in het leven geroepen. Helaas hebben de nationale regeringen onder leiding van Groot-Brittannië hun oren naar de financiële lobby laten hangen en het toezicht afgezwakt tot nationale bevoegdheid, met een bijrol voor ESMA.”

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat je onze website zo goed mogelijk beleeft. Lees meerOK