10 nov 2010

Nieuwe taalrecepten voor onderwijs

Het voorstel van de minister van Onderwijs om leerlingen extra Nederlandse les te laten volgen op woensdagmiddag of zaterdag, is geen goed idee. Het is strijdig met wat onderzoekers ons vertellen en gaat uit van een achterhaalde visie op onderwijs. Ik vind dat onderwijs meertaligheid moet stimuleren en naar waarde schatten. Dit doet geen afbraak aan de noodzaak om goed Nederlands te kennen. We stellen de doelstelling niet in vraag, wel de weg ernaartoe. Een positieve, meertalige aanpak leidt tot een betere kennis van het Nederlands en zal onderwijssuccessen van sociaal zwakkere leerlingen verhogen.

Dat bijlessen buiten de schooluren niet bijdragen aan succes op school is geen politiek standpunt. Onderzoekers geven aan dat het invoeren van speciale taalklasjes voor anderstalige kleuters snel contra-productieve effecten kan hebben: de focus komt er te eenzijdig op het schoolse te liggen. Jonge kinderen worden van in de kleuterklas gewezen op hun tekorten. Ze moeten worden getest, apart genomen en geremedieerd, en dit tijdens lessen lichamelijke opvoeding (waar ze misschien net ook eens zouden kunnen uitblinken) of op vrije woensdagnamiddagen of zaterdagen.

Vandaag leren meer dan de helft van de kinderen in de wereld lezen in een andere taal dan hun moedertaal. In onze steden is dat niet anders. In Brussel is 41% van de huishoudens taalgemengd. In de Antwerpse binnenstad wordt meer dan de helft van de leerlingen opgevoed in een andere taal dan het Nederlands. Een cruciale vraag voor de scholen vandaag is dan ook hoe zij in staat zijn om de verschillende talen en nationaliteiten die in school en in de klas aanwezig zijn te benutten, zodat leerlingen de kans hebben om door te stoten.

Het belang van taal voor de ontwikkeling van het denken van een kind mag niet worden onderschat. Taal is nodig om te redeneren, om te leren. Kinderen uit kansarme milieus hebben vaak een gebrekkige talenkennis. Ze komen in hun moedertaal nauwelijks in contact met een ‘hoger’, abstracter taalniveau. Dat gaat gepaard met schoolse achterstand. Het is dan ook ontzettend belangrijk dat taalontwikkeling héél vroeg, op een positieve manier wordt gestimuleerd. Kinderen uit zwakke milieus hebben er alle belang bij om zo vroeg mogelijk naar school te gaan. Interessant zijn de Nederlandse voorscholen waar extra aandacht gaat naar de ontwikkeling van taalvaardigheid van peuters, op een impliciete, speelse manier.

De laatste cijfers van Eurostat tonen aan dat het Vlaamse taalonderwijs terrein verliest. Scholen hebben nood aan ondersteuning bij het ontwikkelen van een taalbeleid. We blijven teveel steken in een remediëringsdidactiek, een individueel culpabiliseringsmodel en laten na leerlingen te motiveren door hun kwaliteiten als anderstalige aan te boren. De nieuwe recepten om taal te leren op school hebben als basisingrediënt dat de anderstaligheid van kinderen positief wordt benaderd. De uitdaging ligt in het open en constructief aanwenden van de thuistaal van kinderen in het leerproces. Wanneer kinderen in groepjes bezig zijn, mogen ze hun eigen taal gebruiken. Tussen kinderen met verschillende taalachtergronden wordt meer belang gehecht aan non-verbale communicatie, mét maximale ondersteuning van de juf in het Nederlands.

Het benutten van meertaligheid heeft veel positieve effecten: op het leersucces en het zelfvertrouwen van de leerling, op de relatie met de ouders, op de verwachtingen van de leerkracht en last but not least, op de kennis van Nederlands. De voordelen voor de samenleving liggen voor de hand: in een economie die steeds meer internationaliseert, is meertaligheid van arbeidskrachten een belangrijke troef.

Er is wel degelijk een probleem met de slaagkansen van kinderen uit sociaal achtergestelde milieus. Het gaat hierbij vaak, maar niet altijd, om allochtone leerlingen. Ook autochtone leerlingen uit sociaal zwakke gezinnen zien hun slaagkansen afnemen in ons onderwijs. Al jarenlang wijzen de PISA onderzoeken (internationaal vergelijkend onderzoek naar kennis van leerlingen op 15-jaar) op dit gebrek in ons huidige schoolsysteem. Dan moeten we toch ook eens een aantal vragen bij ons onderwijssysteem durven stellen, in plaats van de onwillige allochtoon of de gepamperde kansarme die de aangeboden kansen niet grijpt steeds te culpabiliseren.

Er ontwikkelt zich in Vlaanderen een kwalijke trend die zich alsmaar scherper aftekent. Het voorstel van minister Smet is exemplarisch voor het integratiebeleid van de huidige Vlaamse regering. Waar onderwijs, werken en wonen in het verleden de hefbomen waren voor meer gelijke kansen en sociale rechtvaardigheid, evolueren we naar een beleidsparadigma waarbij de kennis van de Nederlandse taal voorop wordt geplaatst om onderwijs, werken en wonen mogelijk te maken. Nederlandse taalkennis als exclusiemechanisme. We moeten onze verontwaardiging daarover nog durven uiten. Groen! pleit voor een meer open houding waarbij het recht op onderwijs niet wordt gekoppeld aan taalvereisten. Onze leerlingen hebben nood aan betere recepten.

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat je onze website zo goed mogelijk beleeft. Lees meerOK