Codextrein rijdt zich vast

do, 2017-11-16

De verwachtingen zijn hooggespannen op vlak van ruimtelijk beleid. Deze legislatuur meer dan ooit. Logisch ook, er staat veel op het spel: de huidige miskleun van het ruimtelijk beleid dat dagelijks nog steeds 6ha open ruimte opoffert, moeten we omkeren naar een klimaat- en toekomstbestendig Vlaanderen. De doelstellingen zijn duidelijk, maar het blijft wachten op concrete maatregelen voor een echte omslag. 

Ingrid PiraVlaams parlementslid

Zo was het uitkijken naar de ‘Codextrein’, een decreet dat de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) grondig wil bijspijkeren.  Een kans voor bevoegd minister Schauvliege om de weg naar een beter ruimtelijk beleid voor te bereiden. Maar het was een bijzonder grote teleurstelling. Verschillende adviesraden formuleerden al scherpe kritiek, maar bovendien vonden de meerderheidspartijen het nodig om, op de valreep, een lijst van meer dan 80 amendementen in te dienen die er nog een schep bovenop doen. 

Eén van de meest problematische punten, is de inperking van het recht op beroep.  Mensen die tegen de vergunning van bepaalde projecten in beroep willen gaan, kunnen dit nu nog enkel doen indien ze bezwaar hebben aangetekend tijdens het openbaar onderzoek. Deden ze dat niet, dan krijgen ze geen toegang tot de rechter. Dit maakt van een inspraakrecht voor burgers, een inspraakplicht.

Bovendien worden tijdens het openbaar onderzoek vaak nog elementen toegevoegd aan de uiteindelijke vergunning. Niemand weet dus tijdens het openbaar onderzoek hoe het uiteindelijke project vergund zal worden. De Raad van State (RvS) oordeelde bijzonder streng voor deze maatregel: dit is in strijd met het internationaal Verdrag van Aarhus, dat het inspraakrecht, de toegang tot informatie en de toegang tot de rechter voor Europese burgers in milieuzaken precies omschrijft en vastlegt.

De leden van de meerderheid legden dit advies zonder meer naast zich neer. Meer nog, ze deden er nog een schep bovenop. Alleen ‘gemotiveerde’ bezwaren worden aanvaard. ‘Pro forma reacties’ worden afgewezen. Maar dat zijn natuurlijk erg rekbare begrippen.

Daarnaast kwam er veel kritiek op het feit dat in het ontwerp decreet en vooral via de lange trein amendementen het bouwen in waardevolle landbouwgebieden wordt versoepelt. Op die manier wordt alvast een zware hypotheek gelegd op de betonstop die de Vlaamse regering aankondigde. Dat geldt bijv. voor de bouw van stallingen voor paarden (manèges). Er worden ook regularisaties doorgevoerd voor bedrijven in de ontginningssector, waarvan vergunningen in het verleden door de Raad van State geschorst werden. Dit komt in het bijzonder goed uit voor een specifiek bedrijf uit Brasschaat dat sinds februari van dit jaar in overtreding is, wegens een geschorste milieuvergunning. 

Voor Ingrid Pira was dit een brug te ver. Ze slaagde er in Vlaams parlementsvoorzitter Jan Peumans te overtuigen om een reeks amendementen van de meerderheid voor advies naar de RvS en naar de Strategische Adviesraad Ruimtelijke Ordening (SARO) te sturen. Hierdoor werd de behandeling van dit ontwerp decreet voorlopig opgeschort. 

Intussen zijn de adviezen binnen en volgde er een nieuwe bespreking. Zowel de SARO als de RvS bevestigen hun kritiek. Vooral het advies van de RvS is vernietigend voor het amendement dat de toegang tot de rechter nog verder inperkt. De meerderheid kan dit voorstel dus maar beter herzien. Doen ze dit niet, dan blijft de regelgeving chaotisch en kaduuk en kan elke (geïnformeerde) burger nog steeds naar de Raad van State stappen wanneer zijn of haar bezwaren geweigerd worden.

Met andere woorden: het is een bijzonder slechte strategie om procedures proberen te versnellen door burgers proberen monddood te maken. Het tegendeel dreigt te gebeuren wanneer de eerste de beste burger dit aanvecht met als reden dat zijn rechten niet worden gerespecteerd.