Gebrek aan politieke daadkracht nekt groene stroom

wo, 2012-02-08

Groene stroom maken in Vlaanderen is geen sinecure. Niet door het klimaat of het gebrek aan open ruimte in onze regio waardoor zon, wind of biomassa niet overvloedig beschikbaar zijn. De groene ondernemer ligt wel al maandenlang wakker van politieke onwil. De Vlaamse regering wil immers niet weten van hogere ambities voor groene stroom. Hierdoor zal de energiefactuur van de gezinnen stijgen.

De zon mag hier dan al minder schijnen dan in het zuiden van Europa, toch is in Vlaanderen heel wat mogelijk. Windmolens op zee zouden 2800 megawatt voor hun rekening kunnen nemen tegen 2020, hetgeen overeenkomt met het vermogen van de vier kernreactoren in Doel. Maar ook op land is er wind, goed voor 1500 megawatt tegen het einde van dit decennium. Zonne-energie heeft een grote opgang gekend in Vlaanderen en is nu de tweede belangrijkste bron voor groene elektriciteit. Biogas en biomassa -zoals hout- zijn de belangrijkste bronnen voor groene stroom, zij het vooral dankzij aanvoer uit het buitenland. Intussen zit onder de Kempen heel wat geothermische energie, volgens de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) goed om de helft van Vlaanderen te voorzien van elektriciteit.

Groene stroom heeft dus potentieel in Vlaanderen. Meer nog, we overtreffen onze doelstellingen: al meer dan een jaar wordt meer geproduceerd dan we hadden gepland. Het systeem van de groenestroomcertificaten, waarbij groene elektriciteitsproducenten certificaten krijgen voor de opgewekte stroom en vervolgens elektriciteitsleveranciers die certificaten moeten opkopen, heeft duidelijk gewerkt. Het kan wel beter en goedkoper: met een gelijkaardig systeem in Wallonië betaalt een Waals gezin minder voor groene stroom dan in Vlaanderen. Maar de fundamenten zijn goed. Groene technologie wordt intussen steeds goedkoper en aardolie duurder, waardoor het verschil in prijs tussen beide steeds kleiner wordt. Hernieuwbare energie is geen kwestie van keuze, de beperkte olievoorraden hebben die keuze al gemaakt.

En toch hangt de groene energiesector in de touwen. Hoe komt dat? Door het groene succes in Vlaanderen bestaat er namelijk een overaanbod aan certificaten, waardoor leveranciers minder betalen per certificaat en producenten dus minder inkomsten hebben. Nochtans is de oplossing eenvoudig: de doelstellingen verhogen, zodat leveranciers meer certificaten moeten opkopen en de prijs per certificaat opnieuw stijgt. Een verhoging van die doelstellingen dringt zich sowieso op, aangezien Europa ons meer ambitie oplegt. Maar de Vlaamse regering geeft al maanden niet thuis, tot grote frustratie van de groene economie. Vooral regeringspartij N-VA is in het Vlaams Parlement steeds criticaster van dienst als het gaat over meer groene ambities. De partij van Bart De Wever beweert steeds dat lage doelstellingen voor groene stroom zorgen voor een betaalbare energiefactuur. Laat nu net de betaalbaarheid van die factuur de belangrijkste reden zijn om de groene doelstellingen snel te verhogen.

Een woordje uitleg. Producenten krijgen certificaten voor groene stroom en warmtekracht, leveranciers hebben deze certificaten nodig. Als producenten meer stroom maken dan voorzien en er dus meer certificaten zijn dan leveranciers moeten aankopen, daalt de prijs van certificaten. Dat gebeurt door het spel van vraag en aanbod. Maar als een groene producent zijn certificaten niet verkocht krijgt aan een leverancier, kan hij altijd naar de netbeheerder stappen (Eandis of Infrax), die verplicht is om die te kopen tegen een minimumprijs. Als de marktprijs ineen stort, komen de certificaten dus massaal bij de netbeheerder terecht. En die rekent de kosten door aan gezinnen en bedrijven, maar volgens een verdeling waarbij vooral de gezinnen moeten opdraaien. Bovendien hebben bedrijven die zowel producent als leverancier zijn (lees: Electrabel) een achterpoortje gevonden om hun winsten te vergroten: certificaten verkopen aan de netbeheerder en nadien terug opkopen tegen een lagere prijs. Wie betaalt voor deze onrechtmatige winsten? Juist, opnieuw de gezinnen.

En het wordt nog straffer: elektriciteitsleveranciers betalen nu minder voor certificaten, maar rekenen wel de hogere kosten door aan de consument. Opnieuw winst voor de leverancier. Dus dreigen we tweemaal te betalen voor dezelfde groene stroom: een keer via de netbeheerder, een keer via de leverancier. Wie kan dit politiek verantwoorden? Door de stugge houding van N-VA betalen we meer in plaats van minder. Als de N-VA de hardwerkende Vlaming wil verdedigen en de energiefactuur betaalbaar wil houden, dan maakt ze liever vandaag dan morgen werk van hogere doelstellingen voor groene stroom.

De groene energiesector krijgt rake klappen, niet omwille van een gebrek aan potentieel in Vlaanderen, maar door een gebrek aan politieke daadkracht. Installaties voor groene stroom worden stilgelegd, omdat de Vlaamse regering maar niet beslist krijgt om de doelstellingen op te krikken. Dit jaagt onze energiefactuur de hoogte in. N-VA moet nu maar eens kleur bekennen: wil ze een Vlaamse groene economie? Of wil ze Electrabel opnieuw cadeaus geven, op kap van de Vlamingen?