Oppositie en meerderheid gaan samenwerken rond nationaal investeringspact

wo, 2017-11-22

Niet alleen de regering en het strategisch comité, maar ook de oppositie krijgt de kans om actief bij te dragen aan het nationaal investeringspact. Daar heeft de Conferentie van Voorzitters, na een voorstel van Ecolo-Groen en met de steun van de regering en de premier, vandaag afspraken over gemaakt. 

 

Kristof CalvoFederaal parlementslid - fractieleider

“Het gaat om een erg belangrijk en zelfs vrij uniek signaal. Oppositie en meerderheid gaan samenwerken rond de opmaak van een nationaal investeringspact. Met Ecolo en Groen dringen we al een tijdje aan op zo’n samenwerking. Want zo’n belangrijk toekomstplan, dat moeten we samen schrijven. We zijn tevreden dat de premier en de regering die uitgestoken hand nu aanvaardt”.

Ecolo-Groen is erg overtuigd van de noodzaak van een nationaal investeringsplan en pleit voor een zo breed mogelijk politiek en maatschappelijk draagvlak voor dat plan. De fractie heeft ondertussen ook een eigen plan uitgewerkt: BE.invest 2030, een resultaat van een brede oefening met tal van maatschappelijke actoren. Het ambitieuze plan wil van België o.a. voortrekker maken van de batterijproductie voor hernieuwbare energie en elektrische wagens en qua digitale economie, maar wil tegelijk ook fors investeren in het versterken van mensen, onze burgers en bedrijven. “We denken dat heel wat elementen uit BE.invest een plekje verdienen in het uiteindelijke plan van Michel”, aldus Calvo.

Op vraag van Ecolo-Groen zijn er nu afspraken gemaakt over de samenwerking tussen meerderheid en oppositie rond het plan. De Commissie Binnenlandse Zaken organiseert op regelmatige basis gedachtewisselingen over het plan, afwisselend met de premier en een vertegenwoordiging van het Strategisch Comité. De premier nodigt namens de regering de erkende parlementaire fracties officieel uit om, net zoals Ecolo-Groen, insteken voor het regeringsplan te formuleren. De fracties die dat willen, zullen ook in gesprek kunnen gaan met de premier en/of het strategisch comité. “Dit is slechts een eerste stap, en het gaat vooral om het eindresultaat. Maar het betekent toch een belangrijke stap vooruit richting een project dat deze legislatuur moet overstijgen. Deze manier van werken zouden we trouwens meer moeten zien in de Belgische politiek”, besluit Calvo.