Voorstel Geens brengt openbare veiligheid in het gedrang

do, 2017-06-01

Groen reageert verbaasd op het voorstel van minister van Justitie Koen Geens (CD&V) om met quota te werken bij voorlopige hechtenis. Op die manier zou bij iedere nieuwe gedetineerde een andere gedetineerde de gevangenis moeten verlaten. 

Stefaan Van HeckeFederaal parlementslid

“Werken met quota betekent dat wanneer de limiet is bereikt er pas een nieuwe aanhouding kan gebeuren als er iemand wordt vrijgelaten uit voorhechtenis. Men dreigt onmogelijke keuzes te moeten maken. Gaan we dan een verdachte van terrorisme opsluiten en een verdachte van pedofilie vrijlaten, of een dader van een homejacking?”, vraagt Stefaan Van Hecke (kamerlid Groen) zich af. Van Hecke pleit voor de uitbouw van alternatieven en gespecialiseerde instellingen.

 

De stijging van het aantal gedetineerden en vooral het aantal personen in voorhechtenis is opmerkelijk, temeer daar de criminaliteitscijfers al enkele jaren aan het dalen zijn. Toch stijgt het aantal gedetineerden, waardoor de overbevolking in de gevangenis een zware en onaanvaardbare impact blijft hebben op de leefomstandigheden. “Het probleem van overbevolking is heel ernstig, en dus is het goed dat de minister oplossingen zoekt. Eerder stelde de minister voor om een maximumduur in te voeren die afhangt van de zwaarte van het misdrijf en die in sommige gevallen zou verlengd kunnen worden mits bijzondere motivering. Dat was een veel interessantere piste. Maar blijkbaar is er nooit een akkoord bereikt binnen de meerderheid en dus krijgen we nu een veel slechter voorstel, namelijk de quota”, aldus Van Hecke.

 

Groen stelt voor om in te zetten op alternatieven, zoals gespecialiseerde instellingen. Van Hecke: “Personen met een zware psychiatrische of drugsproblematiek moeten eigenlijk in gespecialiseerde instellingen kunnen worden opgenomen. Maar die mogelijkheden zijn quasi onbestaande en verdienen dringend meer aandacht. Het lijkt me beter dat de minister daarop inzet, in plaats van de openbare veiligheid in het gedrang te brengen”, besluit Van Hecke.