03 jul 2013

Ontwikkelingssamenwerking ten dode opgeschreven?

Elke begrotingscontrole is het raak. 420 miljoen euro besparing in 2012, nog eens 175 miljoen euro extra in 2013 en ook in 2014 schrapt de regering nog eens hetzelfde bedrag. Met de aangekondigde besparingen gaat deze klassieke tripartite tegen 2014 meer dan 20% bespaard hebben op het totale budget van Ontwikkelingssamenwerking.

De besparingsdrift op het Zuiden lijkt niet meer te houden. Maar wat zit er achter de voortdurende kaalslag op ontwikkelingssamenwerking? Gaat dit alleen om budgettaire noodzaak? Als we naar de besparingscijfers kijken, lijkt ontwikkelingssamenwerking voor deze regering wel ten dode opgeschreven. Wat er binnen de federale regering aan de hand is, is meer dan een besparingsoperatie. Aan de grondslag ligt een paradigm shift, een fundamentele wijziging in de manier waarop de federale regering met ontwikkelingssamenwerking om gaat.

Het is de visie van Open VLD-voorzitter Gwendolyn Rutten die aan de onderhandelingstafel de bovenhand haalt. ‘Aid is Dead’ luidt haar donkerblauw devies. In haar boekje ”De geëngageerde burger” verwijst Rutten gretig naar ‘Dead Aid’ van de Zambiaanse econome Dambisa Moyo als haar ‘ontwikkelingsmodel’. Moyo pleit om subsidies, behalve noodhulp, naar Afrika binnen de vijf jaar stop te zetten en te vervangen door meer handel. Volgens Moyo moeten Afrikaanse landen geld lenen op de kapitaalmarkt om zich te ontwikkelen.

Nochtans is de analyse van Moyo, en die van Rutten, achterhaald. Het boek is geschreven vóór de financieel-economische crisis volledig uitbrak. In plaats van hieruit lessen te trekken, blijven de liberalen pleiten voor een grenzeloos vertrouwen in de kapitaalmarkten voor de ontwikkeling van een land. Paul Collier, een andere kritische autoriteit over ontwikkelingssamenwerking en nota bene de mentor van Dambisa Moyo, zegt over het boek het volgende: ”I think that Moyo's message is over-optimistic. Cutting aid may not be the best response.” Collier rekende uit dat ontwikkelingshulp de voorbije drie decennia de jaarlijkse groei in de armste ‘bottom billion’-landen met ongeveer 1% versterkt heeft. Zonder hulp was Afrika volledig weggezonken.

Zwakke economieën dreigen door vrijhandel onder de voet te worden gelopen door goedkope producten uit het Westen. Zelfs de meest uitgesproken adepten van de vrije markt, Groot-Brittannië en de VS, voerden vroeger een protectionistisch handelsbeleid om hun ‘infant industries’ te beschermen. Nu wil Gwendolyn Rutten het Zuiden beletten om hetzelfde te doen. Een gevaarlijk naïeve gedachte van de Open VLD-voorzitter.
Ontwikkelingssamenwerking redt het leven van miljoenen mensen per jaar. Natuurlijk is coherentie met andere beleidsdomeinen, zoals het handelsbeleid, cruciaal. Er is een tijd en een plaats voor vrijhandel. Maar zonder ontwikkelingssamenwerking tuimelen heel wat landen uit het Zuiden de dieperik in.

Ontwikkelingssamenwerking is ook in ons eigenbelang. Als politici moeten we kortzichtig beleid vermijden. In 2009 verwoordde toenmalig minister van ontwikkelingssamenwerking Charles Michel het als volgt: ”wie de crisis aangrijpt om de ontwikkelingssamenwerking in vraag te stellen, krijgt morgen de factuur gepresenteerd in de vorm van toegenomen migratie, instabiliteit en onveiligheid”. Vandaag is Charles Michel de voorzitter van regeringspartij MR en medeondertekenaar van het begrotingsakkoord.

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat je onze website zo goed mogelijk beleeft. Lees meerOK