01 feb 2011

Varkenssector focust beter op binnenlandse markt

De varkenshouderij is in crisis: nu investeren in schaalvergroting is geen goede zaak voor de familiale bedrijven en vormt een bedreiging voor het milieu. Op woensdag 1 februari staat de varkenscrisis op de agenda van de Commissie Landbouw in het Vlaams Parlement.

De voorbije maanden stegen de kosten voor veevoeder met 30%, de prijzen die boeren voor hun varkens kregen daalden tegelijkertijd. Meer kosten en minder inkomsten: het is duidelijk dat de varkenshouderij een moeilijke periode doorgaat.

De Belgische varkenssector is goed voor ruim 6 miljoen varkens. Die vind je voor meer dan 90% in Vlaamse stallen. In 2009 bedroeg de totale productie aan varkensvlees 1.082.036 ton, goed voor een productiewaarde van 1,29 miljard euro. Meer dan de helft daarvan, 680.856 ton, was bestemd voor de export (voornamelijk naar Duitsland). De Duitse dioxinecrisis van enkele weken geleden deed de varkensprijzen in Duitsland echter kelderen, wat nefast was voor onze varkensboeren.

De huidige crisis zal ook weer leiden tot stopzettingen. De sector telt steeds minder bedrijven: sinds 1999 nam het aantal varkensbedrijven met meer dan 40% af. Die evolutie ging gepaard met een schaalvergroting: in diezelfde periode nam het gemiddeld aantal varkens per stal eveneens met 40% toe. Het Voortgangsrapport van de Mestbank leert dat sinds 2005 het aantal vergunde varkens jaarlijks stijgt met ongeveer 75.000 stuks. Ondanks het ronduit slechte economische klimaat blijven veel varkenshouders investeren in de uitbreiding van hun bedrijf.

In Nederland werden al maatregelen genomen om de bouw van megastallen met vele duizenden varkens te ontraden. In België ontbreekt die regelgeving, met als gevolg dat in de Noorderkempen steeds meer aanvragen worden ingediend voor de bouw van echte megastallen. In 2010 werden in de provincie Antwerpen door een dertiental varkensbedrijven MER-aanvragen ingediend voor het uitbreiden van het bedrijf. Momenteel hebben die dertien bedrijven een vergunning voor bijna dertigduizend varkens, ze deden een aanvraag om 58.227 varkens te kunnen houden, wat ongeveer neerkomt op een verdubbeling.

Vlaanderen heeft via het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF) een uitgebreid scala aan overheidsteun voor varkensboeren. Varkensboeren die de milieu-uitstoot van hun bedrijf willen verminderen verdienen alle steun. Vraag is of Vlaanderen in deze economisch barre tijden geld moet blijven investeren in de expansieplannen van de varkenssector. Die plannen lijken haaks te staan op de economische realiteit.

De evolutie naar nog grootschaliger varkensbedrijven is nefast, zowel voor de familiale varkenshouderij als voor het milieu. Varkensmest is verantwoordelijk voor 41 procent van de nitraten en voor 46 procent van de fosfaten die in het oppervlaktewater worden aangetroffen.

Dirk Peeters: ”Als de familiale varkenshouderij wil overleven, moeten we niet streven naar schaalvergroting en industriële bedrijfsvoering die op export gericht is. Wel moet de sector een visie uitwerken die op de binnenlandse markt focust en instrumenten ontwikkelt die de varkenshouders een eerlijke prijs kunnen garanderen. Een interne reorganisatie van de varkenssector en overleg met slachthuizen en de distributiesector over correcte prijsafspraken is hierin essentieel.”

Vind Groen in je buurt

Vind je gemeente

We gebruiken cookies om er zeker van te zijn dat je onze website zo goed mogelijk beleeft. Lees meerOK