Lokale, duurzame landbouw en voeding

Groen wil een pact afsluiten rond duurzame landbouw. Dat doen we met boeren, de voedingsindustrie en de consumenten. Zo komen we tot een eerlijk verdienmodel dat goed is voor planeet, klimaat, natuur en dier en geven we landbouwers een toekomst.

Groen wil een pact afsluiten rond duurzame landbouw. Dat doen we met boeren, de voedingsindustrie en de consumenten. Zo komen we tot een eerlijk verdienmodel dat goed is voor planeet, klimaat, natuur en dier en geven we landbouwers een toekomst. Landbouwers die hun bedrijfsvoering willen omschakelen naar agro-ecologische landbouwmodellen ontzorgen we door grondige en onafhankelijke begeleiding op het erf aan te bieden. Het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds wordt een transitiefonds dat landbouwers financieel ondersteunt bij de concrete omvorming van hun bedrijf. Zo maken we onze landbouwbedrijven toekomstbestending en versterken we de veerkracht en het welbevinden van de boeren.

We gaan voluit voor de eiwitshift: we zetten in op meer plantaardige voeding, minder vlees en de teelt van lokale en duurzame eiwitgewassen voor de veeteelt. Zo wordt onze landbouw minder afhankelijk van soja en palmolie uit het Zuiden en ondersteunen we een gezonder en duurzamer eetpatroon. We steunen de ontwikkeling van alternatieven voor vlees en willen enkel nog vlees zonder dierenleed.

Resoluut kiezen voor de korte keten

In Vlaanderen en Brussel wonen 7,5 miljoen mensen. We betrekken hen meer bij wat ze eten en waar dat voedsel vandaan komt. Steden en gemeenten kunnen daarbij een actieve rol spelen met lokale voedselstrategieën en voedselregio's. Op lokale schaal maken we werk van een voedselinfrastructuur op maat van de korte keten: streekwinkels, markten, magazijnen, verwerkingspunten en slachthuizen. Scholen, ziekenhuizen, woonzorgcentra en lokale bedrijven worden actief benaderd door een voedselregisseur om hun aankoopstrategie lokaler, gezonder en duurzamer te maken.

Ook binnen de voedingsindustrie en de retail willen we inzetten op een duurzame transitie. Lekker, gezond en volledig veilig voedsel bevat geen resten van pesticiden of andere ongezonde stoffen. We gaan voor honderd procent circulair: voedselresten komen opnieuw in de voedselketen terecht.

Hagen en bomenrijen verdubbelen

Landbouwers zijn niet alleen belangrijke gebruikers van open ruimte, ze zijn ook cruciale partners in het beheer en de bescherming van het landschap. Op lange termijn verdubbelen we het aantal lopende meters aan hagen en bomenrijen in landbouwgebieden. Tegen 2030 planten we samen met landbouwers 6300 kilometer aan, goed voor tien meter per hectare landbouwgrond of één meter per Vlaming. We trekken de vergoeding voor het onderhoud en de aanplant van hagen en bomenrijen stevig op. Zo wordt landschapsonderhoud een volwaardig deel van het inkomen van landbouwers.

Onze eerste voorstellen

  • Voedselregio's en nabije productie

    We kiezen voor nabije en zelfvoorzienende afzetmarkten waar landbouwers een eerlijke prijs krijgen. Om lokale boeren te helpen, creëren we een streekgebonden eco-label. We geven voluit steun voor de productie van eigen eiwitrijk diervoeder.

    Daarnaast zetten we in op voedselregio’s naar het voorbeeld van de Waalse 'Ceintures alimentaires'. Via lokale voedselstrategieën leggen steden de link met hun omgeving en worden consumenten voedselaandeelhouders. Dankzij een robuust businessmodel worden boeren autonoom van grote bedrijven en retailers. Duurzame initiatieven rond korte keten en community supported agriculture worden opgeschaald en we bouwen een voedselinfrastructuur uit op maat van de korte keten: streekwinkels, markten, magazijnen, verwerkingspunten en zelfs slachthuizen. 

    We stimuleren stadslandbouw, daktuinen, stadsmoestuinen en voedselbossen. Met een circulair voedselmodel voorkomen we verspilling en kunnen we overschotten sociaal inzetten.

  • Begeleiding op maat voor boeren

    Groen wil onze landbouwbedrijven een toekomst geven. Maar op dit moment ontbreekt in het subsidielandschap een integrale en intensieve begeleiding op mensenmaat voor een duurzame heroriëntering van landbouwbedrijven. Actieve landbouwers die hun bedrijfsvoering willen omschakelen richting duurzame landbouwmodellen ontzorgen we door een grondige en onafhankelijke begeleiding op het erf aan te bieden. Deze professionele boerencoach gaat met de landbouwer in gesprek over de toekomstvisie voor het bedrijf, ondersteunt de landbouwer bij de afweging tussen verschillende keuzemogelijkheden én begeleidt de landbouwer vervolgens bij elke stap in de realisatie van een gekozen transitiepad.

    Het Vlaams Landbouw Investeringsfonds heroriënteren we naar een transitiefonds dat landbouwers financieel ondersteunt bij de concrete realisatie van de omvorming van hun bedrijf naar een grondgebonden, duurzame en onafhankelijke bedrijfsvoering. Zo maken we onze landbouwbedrijven toekomstbestending. En versterken we de veerkracht en het welbevinden van de landbouwbedrijfsleider

  • Weg met pesticiden en junk food

    Onze landbouw en voeding worden gifvrij. Zo verbieden we o.a.  het schadelijke glyfosaat. Waar toch nog gespoten wordt, stellen we buffergebieden in om kwetsbare groepen en plekken te beschermen. Groen kiest voor agro-ecologische landbouw die uitgaat van gezonde bodems en natuurlijke plaagbestrijding. Het aandeel biolandbouw trekken we de komende vijf jaar op van één naar tien procent. 

    Ook binnen de voedingsindustrie willen we de groene transitie versnellen. De koolstof- en watervoetafdruk van ons voedsel moet omlaag. In bewerkt voedsel willen we geen ongezonde additieven en mijden we een teveel aan zouten, vetten en suikers. We aanvaarden niet langer dat bedrijven grote winsten maken door hun klanten verslaafd te maken aan ongezonde eetgewoonten. Daarom zetten we een ontradingsstrategie in en maken we komaf met reclame die ons aanzet om te veel en ongezond te eten. We zorgen voor gezonde voeding in woonzorgcentra, ziekenhuizen, kinderdagverblijven en scholen.

  • Meer hagen en bomenrijen in landbouwgebied

    Op lange termijn verdubbelen we het aantal lopende meters hagen en bomenrijen in landbouwgebied. Tegen 2030 planten we 6300 kilometer aan, goed voor tien meter per hectare landbouwgrond of één meter per Vlaming.

    Allereerst brengen we het bestaande netwerk in kaart. Natuurinspecteurs zien strenger toe op het behoud ervan. Wie hagen en bomenrijen wil aanplanten, krijgt advies en begeleiding op maat, zowel voor als na de aanplanting. We financieren de kostprijs van het plantgoed en effectieve inrichting. Landbouwers die hagen en bomenrijen onderhouden, krijgen een stevige vergoeding. Zo wordt landschapsonderhoud een volwaardig deel van hun inkomen en zorgen we voor kwalitatief groenbeheer.

    Landschapsregisseurs maken een natuurbedrijfsplan op, brengen landbouwers samen, adviseren en volgen alles op. Zo verhogen we de kans op succes voor biodiversiteit en landschapsschoon.

  • Minder vlees en vlees zonder dierenleed

    We maken echt werk van een eiwittransitie. We schrappen de btw op groenten, fruit en duurzame, gezonde vleesvervangers. Iedereen moet kunnen kiezen voor een plantaardig(er) dieet. Daarom helpen we boeren en bedrijven die werk maken van duurzame plantaardige vlees- en zuivelvervangers. We steunen vooral lokale alternatieven, met een nieuwe rol voor boeren en de korte keten. 

    Denk aan de ontwikkeling van nieuwe eiwitten op basis van insecten of de fermentatie van microben of microalgen. Er zijn ook bedrijven die kiezen voor cellulair gekweekt vlees, waarvoor geen dieren moeten gedood worden. Onze onderzoeksinstellingen kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de opschaling van vleesvervangers. Daarom voorzien we meer geld voor onderzoek en ontwikkeling.