Speech Aimen

ENKEL HET GESPROKEN WOORD TELT

Dag allemaal, 

Ik krijg het er warm van. Op een goeie manier, deze keer. Want deze zomer hebben we het warm genoeg gehad. Niet zomaar warm. Het was snikheet, dodelijk heet.

Rivieren vielen droog. Oogsten mislukten. En ook de hoge venen stonden in brand. Maar hetgeen het meeste is binnengekomen deze zomer, is dat ene cijfer. 3000 hittedoden in België. Het hoogste cijfer in Europa.

En dan moeten we ons één vraag stellen: Is ons land klaar om mensen te beschermen tegen hitte en de gevolgen van de klimaatcrisis? Het antwoord is nee.

De klimaatcrisis toont hoe kwetsbaar onze samenleving is.Alarmcentrales raakten overbelast. Ambulances waren schaars. En de mensen in de zorg zeiden dat het zorgsysteem kraakte en tegen z'n limieten zat, net zoals tijdens corona. 

We zaten nog middenin de hitte, toen de hoge venen in brand schoten. Een tweede drama, en voor de tweede keer waren onze regeringen niet klaar. Onze hulpdiensten trokken ten strijde met te weinig mensen, te weinig middelen, te weinig alles.

Terwijl onze regeringen wel 11 keer gewaarschuwd waren. 11 keer hebben ze het genegeerd. Dat is een gigantische politieke verantwoordelijkheid

We staan aan de start van een nieuw politiek jaar en er wordt door deze regeringen niets gezegd over het klimaat terwijl er oplossingen zijn. Klimaat is vandaag een gedeelde bevoegdheid tussen de gewesten en de federale overheid. Maar na zes staatshervormingen hebben we meer klimaatministers dan blusvliegtuigen. En als je klimaatbeleid wil voeren dan moet je met al die ministers en administraties praten. Het is gelukt voor luchtkwaliteit: daar is zo'n interfederale cel voor opgericht. Daar zijn alle politici het erover eens dat deze uitdaging niet stopt aan de gewestgrens en moeten samenwerken. Als het kan voor luchtkwaliteit, dan kan het ook voor klimaat.

Wij stellen voor om één klimaatcel op te richten voor het hele land onder één duidelijk commando. Eén duidelijk beleid om de klimaatcrisis aan te pakken. Er is geen staatshervorming nodig om dit dringende probleem op te lossen.

Maar er hoort meer te gebeuren. We moeten ons niet alleen beter organiseren en de structuren veranderen. Er is ook actie nodig. Onze weerbaarheid tegen de klimaatcrisis moet omhoog en de CO2 moet omlaag. En daarvoor hebben we onder meer natuur en bomen nodig. Als het droog is hebben we natuur nodig die water vasthoudt. En wanneer het heet is, dan hebben we schaduw nodig:  bomen, parken, groene pleinen, minder beton. We kennen die oplossingen.

Maar voor sommige politici dienen bomen alleen om gekapt te worden, zeker in Antwerpen. Dat is een grote fout. Op een paar honderd meter van die straat in Antwerpen waar die bomen zomaar gekapt werden, ligt een ander Arizona-probleem.

De regionale luchthaven van Deurne. Deze zomer hebben wij gevochten tegen een geheime miljoenendeal voor de verlieslatende regionale luchthavens in Vlaanderen. Miljoenen voor privéjets. En weet je wat de CEO van die luchthaven zegt? "Er gaat toch ook geld naar het openbaar vervoer." Maar ik kan geen ticketje kopen voor een privéjet en intussen worden bussen afgeschaft en wordt het openbaar vervoer kapot bespaard. Dat is wat Arizona doet, en dat is absurd. Wij zouden het anders aanpakken. Wij willen geen subsidies voor privéjets, wij willen een park daar in Deurne. Een park waar kinderen hun eigen vliegers kunnen meepakken.

Naast de regionale luchthaven is er een ander dossier dat we deze zomer naar boven hebben gehaald. Fossiele subsidies: geld dat vanuit de overheid naar oliebedrijven gaat. Oliebedrijven boeken miljardenwinsten met dure fossiele brandstoffen. En daar doet de Vlaamse Arizona-regering nog eens 30 miljoen euro bovenop. Hou u vast: die 30 miljoen komt uit het klimaatfonds. Dat is klimaatgeld. Zelfs de rechtse regering in Nederland maakt het zo bont niet en sluit oliebedrijven uit van hun klimaatfonds. Dit is maar één zo'n subsidie, zo zijn er veel, Vlaams en federaal.

Dat is toch de wereld op zijn kop? Stop daarmee. Schrap die fossiele subsidies. En gebruik dat dat geld om te investeren. In koeling, in schaduw, in betaalbare renovaties, in fossielvrije energie. In wat we morgen echt nodig hebben. 

Waar het dit najaar wel veel over gaat - en terecht - dat is de begroting. We hebben daar een ernstig probleem. Dat is een probleem dat we moeten aanpakken. Ik ben er zeker van dat mensen ook willen bijdragen, maar het moet wel eerlijk zijn. Zeggen tegen mensen dat je niet aan de index zal raken, om er dan toch aan te komen, dat is niet eerlijk.

Arizona zegt overal: de begroting zit in het rood, maar voert dan zelf wetten in die ons 9 miljard kosten, denk maar aan de uitbreiding van flexijobs of het misbruik van managementvennootschappen. En dan zeggen ze: we moeten nu 10 miljard zoeken. En dan is het meteen duidelijk waar ze het geld willen halen: in sociaal beleid en in klimaatbeleid.

Ze zijn de begroting niet op orde aan het zetten. Ze zijn onze sociale zekerheid aan het uitkleden en onze sociale bescherming aan het afbreken. En de begroting gaat dieper en dieper in het rood.

Onze oplossingen zijn duidelijk. Die 10 miljard is te vinden. Ik geef een paar voorbeelden:

  • Schrap in de fossiele subsidies. Ik had het al over de subsidies voor de luchthavens en oliebedrijven Vlaams, maar er zijn er ook heel wat federaal
  • Draai de uitbreiding van de flexijobs terug en zet een rem op de managementvennootschappen
  • Pak de bedrijfssubsidies aan 
  • Vraag eindelijk een eerlijke bijdrage van de allerrijksten via een miljonairsbelasting. 

En investeer in de toekomst. Een overheid die alleen bespaart denkt alleen aan vandaag. Wie investeert, denk aan de begroting en de samenleving van morgen. Elke keer als je investeert in bescherming tegen de klimaatcrisis, doe je ook de economie draaien. Eén euro die je investeert in natuur, levert 8 tot 50 euro op.

Als dus de Arizona-regeringen zeggen dat er geen alternatief is, dan geloof ik hen niet. Ik ben niet in de politiek gestapt om te zeggen wat niet kan, maar om uit te zoeken wat wél kan. 

 Als het gaat over wat er allemaal mogelijk is, over wat er allemaal kan, dan dacht ik deze zomer vaak aan een landbouwer, Reinier. Hij vertelde me over zijn slapeloze nachten toen er geen druppel regen viel. Over hoe hij met zijn tractor en zijn watertank zijn groenten probeerde te redden. Met diezelfde tractor stond hij een paar dagen later in de Hoge Venen om water aan te voeren voor de grootste natuurbrand uit onze geschiedenis. Naast hem stonden bouwbedrijven, burgers, defensie, hulpdiensten: iedereen die kon, is komen helpen. Terwijl onze regering doet alsof er niks kan, toonden zij ons wat er wél allemaal kan. Dat is de kracht van onze samenleving. Dat is wat we kunnen als we samenwerken.

Deze zomer hebben we gevoeld wat de gevolgen zijn van de klimaatcrisis. De komende jaren wil ik dat het over de oplossingen gaat. Dat mensen weten wat die oplossingen voor hen kunnen betekenen als we die crisis aanpakken. Dat is hoop organiseren.

Hoop organiseren is ook samenkomen en elkaar energie geven. Dat gaan we dus ook volop doen de komende maanden.

  • Er is onze let's talk Klimaat op 6 oktober in Leuven, waar we experten aan het woord laten en in gesprek gaan over die oplossingen die we kennen, maar nu ook moeten uitvoeren.
  • Er is de klimaatmars op 11 oktober. Kom af. het is nodig, maar het is vooral ook plezant. Dat geeft energie en toont dat het mogelijk is om samen te komen en in actie te komen.
  • En kom natuurlijk ook naar ons congres Over Hoop in november. Waar we het zullen hebben over internationale solidariteit en veiligheid, democratie en energiezekerheid.

Ik kijk er enorm naar uit om jullie daar te zien. We hebben een strijd te voeren en dat gaan we samen doen. Want vergeet niet: we hebben een wereld te winnen en een pak hoop te organiseren.