Opinie: Met wantrouwen krijg je geen rust in de klas
14 November 2025
Groen vertrekt vanuit vertrouwen in leerkrachten, niet vanuit wantrouwen. Scholen vragen niet naar meer controle of strengere tuchtmaatregelen, wel om échte ondersteuning. Geen actieplannen die flirten met wantrouwen, maar een minister die eindelijk werk maakt van wat werkt. Een minister die vertrouwen geeft.
Vraag het maar aan Fleur, Merel, Jonas of Ward: ik was een strenge leerkracht. Lesmateriaal moest bij het begin van de les op de schoolbank liggen, leerlingen stonden recht als ik binnenkwam en moesten klassikaal begroeten, de hele les werd er Engels gesproken en als ik aan het woord was moest het stil zijn. Maar na het lezen van de nota 'Goed gedragen' van minister Demir ben ik ontzet. Zuhal Demir kies hier voor een militaire aanpak die mij doet huiveren.
Dit actieplan ademt een autoritaire visie op onderwijs.
De minister verwijst terecht naar zorgwekkende cijfers: te veel leerlingen stromen uit zonder diploma, het aantal vroegtijdige schoolverlaters stijgt en het aantal tijdelijke en preventieve schorsingen ligt verontrustend hoog. Om dit aan te pakken beweert ze te vertrekken vanuit een autoritatief schoolklimaat dat naast ambitieuze leerdoelen ook gekenmerkt wordt door ondersteuning en vertrouwensvolle relaties. Demir verwijst naar het SONO-onderzoek dat aantoont dat zo'n klimaat de meest positieve impact heeft op ongewenst gedrag. Dit actieplan ademt echter een autoritaire visie op onderwijs. Ouders moeten via een schoolcontract akkoord gaan met verregaande controlemaatregelen, waarbij directies zelfs de bevoegdheid krijgen om lockers, boekentassen en persoonlijke spullen van leerlingen te doorzoeken.
"Alsof wantrouwen de nieuwe pedagogiek is."
Daarbovenop kunnen scholen verplicht worden zich te laten aansturen door een externe gedragscoach, een maatregel die niet alleen het vertrouwen in leraren ondermijnt, maar ook de autonomie van het schoolteam inperkt.
Wat me bovendien zorgen baart, is hoe scholen voortaan militair in de pas moeten lopen. Enerzijds worden scholen overspoeld met "aanbevelingen voor goed gedrag", anderzijds krijgt de onderwijsinspectie de opdracht om klasmanagement scherper in het vizier te nemen. Dat lijkt misschien vrijblijvend, maar in werkelijkheid is dat het allerminst: de nota stelt expliciet dat scholen hun erkenning kunnen verliezen, tenzij ze zich laten begeleiden door een taskforce. Met andere woorden, ‘vrijwillige’ begeleiding wordt een de facto verplichting. In de praktijk ontstaat zo een impliciete norm waaraan scholen zich zullen conformeren – al was het maar uit angst voor een negatief inspectierapport. De vraag is dan: welke criteria hanteert de inspectie precies? Worden scholen afgerekend op het wel of niet aanstellen van een gedragsexpert? Op het aantal preventieve fouilles in boekentas en locker? Of wordt stilte in de klas, met braaf rechtop zittende leerlingen die niet durven spreken, de nieuwe gouden standaard?
Wat is trouwens ongewenst gedrag?
Toen ik zelf nog op de schoolbanken zat, besliste onze school dat we 's middags binnen de schoolmuren moesten blijven lunchen. Ik organiseerde meteen een petitie. Ik verzamelde medestanders, zocht tegenargumenten – ook tijdens de les wiskunde in plaats van vergelijkingen op te lossen – en bepleitte ons punt bij ouderraad en directie. De babbelaar van de klas die opkwam voor wat ze rechtvaardig vond. Ongewenst gedrag?
Dat de visie op onderwijs van N-VA vertrekt vanuit wantrouwen naar leerkrachten, directies en ouders wist ik langer. Dat Vooruit en CD&V hierin meegaan slaat me met verstomming. Natuurlijk is een veilig schoolklimaat waarbij elke leerling tot leren komt het uitgangspunt, maar het plan dat de minister voorstelde is niet de manier om daar te geraken.
Wat het onderwijs wel nodig heeft.
Groen vertrekt vanuit vertrouwen in leerkrachten, niet vanuit wantrouwen. We luisteren naar hun bezorgheden en noden. En wat horen we? Niet de vraag naar meer controle of strengere tuchtmaatregelen. Wel de roep om échte ondersteuning: een aanpak van het lerarentekort, voldoende brugfiguren op school, meer middelen voor CLB's en leersteuncentra, een grondige herwerking van de lerarenopleiding. Dát is wat onderwijs nodig heeft. Geen actieplannen die flirten met wantrouwen, maar een minister die eindelijk werk maakt van wat werkt. Een minister die vertrouwen geeft.