Compensatie indirecte emissiekosten: "Platte subsidie aan Big Oil"
10 Augustus 2026
"Op het moment dat de klimaatcrisis in alle hevigheid woedt, mensen kreunen onder extreme hitte en Europa in brandt staat, stopt de Vlaamse regering Big Oil opnieuw tientallen miljoenen toe." Eva Platteau
Elektriciteitsproducenten betalen CO2-emissierechten. Die kost rekenen ze door aan hun afnemers, waaronder de chemische industrie. Die laatsten kunnen die 'indirecte emissiekosten' laten compenseren via de 'Compensatie Indirecte Emissiekosten' (CIE). De regering besliste die subsidie nog verder op te trekken, terwijl de voorwaarde om een klimaatplan op te stellen, wegvalt. "Geld uit het klimaatfonds, bedoeld om bedrijven te helpen vergroenen, wordt als blanco cheque gegeven aan enkele tientallen bedrijven, waaronder fossiele reuzen als TotalEnergies en ExxonMobil. Die bedrijven krijgen miljoenen euro's subsidies, zonder dat ze zelfs maar een plan op tafel moeten leggen waarin ze aantonen hoe ze hun energieverbruik of emissies omlaag willen brengen", klinkt het kritisch bij Groen-parlementslid Eva Platteau.
Die 'compensatie voor indirecte emissiekosten' is de laatste jaren drastisch toegenomen: van 36 miljoen euro in 2019 naar een recordbedrag van bijna 270 miljoen euro in 2025. De grootste slokop was in 2025 ArcelorMittal die bijna 50 miljoen energiesteun kreeg, maar ook Total Energies staat in de top vijf en kreeg in 2025 maar liefst 22,5 miljoen euro. De Vlaamse regering gaat die steun nu dus nog verder uitbreiden: jaarlijks zou het gaan om 300 à 350 miljoen euro. Bond Beter Leefmilieu berekende dat de voorbije 10 jaar (2013-2024) maar liefst 42% van het Vlaamse klimaatfonds op die manier naar de koolstoffactuur van enkele tientallen bedrijven ging.
Bedrijven die aanspraak willen maken op de subsidie hebben wel een "investeringsverplichting" maar er is geen enkele link meer met de klimaattransitie, louter het verhogen van de productiecapaciteit volstaat; een klimaatplan is voor de Vlaamse regering niet langer vereist. "Dit is onbegrijpelijk", aldus Platteau. "Deze subsidie hoort de klimaattransitie aan te zwengelen, maar in de praktijk is het een platte subsidie waar heel weinig verplichtingen tegenover staan. Bovendien zijn er ernstige vragen te stellen over de doelmatigheid van dit steunmechanisme." Dat blijkt inderdaad uit een uitgavetoetsing die in opdracht van VLAIO werd uitgevoerd waarin de aanpak van verschillende Europese landen wordt vergeleken.
Platteau verwijst onder meer naar de verschillen met Nederland en Finland. Die landen hanteren de verplichting dat minimaal de helft van het compensatiebedrag moet worden geïnvesteerd in projecten die leiden tot een emissiereductie. In Finland is het ook een vereiste dat 30 procent van het totale elektriciteitsverbruik van de aanvrager geproduceerd moet worden uit koolstofvrije bronnen. De Vlaamse regering daarentegen schrapt de verplichting van een klimaatplan volledig.
Geen geld voor Big Oil
In Nederland mag er ook geen steun gaan naar grote olie- en gasbedrijven. "Het lijkt me een vanzelfsprekendheid dat fossiele reuzen geen klimaatsubsidies krijgen. Maar voor de Vlaamse regering is dat geen probleem: TotalEnergies en ExxonMobil krijgen miljoenen", klinkt het kritisch bij Platteau. Als de Vlaamse regering Nederland zou volgen, zou Vlaanderen volgens het rapport jaarlijks 29,8 miljoen euro kunnen besparen.
"Op het moment dat de klimaatcrisis in alle hevigheid woedt, mensen kreunen onder extreme hitte en Europa in brandt staat, stopt de Vlaamse regering Big Oil opnieuw tientallen miljoenen toe. Deze regering heeft geen geld voor deftig openbaar vervoer of om mensen te beschermen tegen de hitte, maar ze subsidieert wel olie- en gasbedrijven die miljarden winst maken en deze crisis veroorzaken. Dit is onaanvaardbaar, de regering hoort deze beslissing te herzien", benadrukt Platteau.
Platteau hekelt bovendien dat de studie nu pas wordt vrijgegeven: "Ik vraag al maanden om deze landenvergelijking publiek te maken. De studie ligt al sinds begin april op het bureau van minister-president Diependaele en bevat zeer veel interessante informatie om de beleidskeuze aan af te wegen. Door dit pas vrij te geven na de beslissing in de regering genomen is, wordt het democratische debat over de besteding van overheidsmiddelen in de kiem gesmoord".